De Amerikaanse politiek,
een bedreiging voor de wereldvrede.
De Amerikaanse President Bush heeft in een document aan het
Amerikaans Congres duidelijk gemaakt wat de nieuwe doctrines
zijn in de Amerikaanse politiek: De Amerikaanse veiligheidsstrategie
zal gebaseerd zijn op een ander Amerikaans internationalisme,
die de verbondenheid van onze waarden en nationale belangen
weerspiegelt
In deze nationale veiligheidsstrategie
voor de 21ste eeuw zal het geen enkel land worden toegestaan
om onze militaire suprematie aan te tasten.
De Amerikaanse oorlogsbegroting voor het jaar 2003 wordt
met 6 procent verhoogd tot het astronomische bedrag van
400 miljard dollar. De Verenigde Staten geven daarmee net
zoveel uit aan bewapening als de acht daaropvolgende militaire
machten tezamen.
Door Nico Varkevisser.*
De plannen en ideeën van de Amerikaanse
regering zijn niet nieuw. Sedert het begin van de jaren
negentig is er binnen de Amerikaanse reactionaire denktanks
en instituten gediscussieerd over de positie van de Verenigde
Staten als enig overgebleven supermacht, na de verdwijning
van de Sovjet-Unie. Daarin werd al eerder op onverhulde
wijze de imperialistische ambitie van absoluut heerser geformuleerd.
Belangrijk is te zien op welk moment de plannen worden gelanceerd,
welke concrete stappen worden genomen en op welke wijze
het aan de publieke opinie wordt verkocht. De officiële
lancering van de nieuwe Amerikaanse doctrines volgt op een
reeks van verklaringen die sedert de aanslagen van 11 september
2001 naar buiten zijn gebracht. Daarin werd al gesteld dat
de Amerikaanse regering zich niet gebonden acht aan tal
van internationale verdragen, dat zij 'preventieve' aanvallen
op zogenaamde 'schurkenstaten' willen uitvoeren, waarbij
het gebruik van atoomwapens niet wordt uitgesloten. Op de
lijst van mogelijke doelwitten van Amerikaanse aanvallen
staan meer dan zestig landen.
Kenmerkte het Clinton-tijdperk zich door
zogenaamde 'humanitaire interventies', de republikeinse
agenda van Bush gebruikt de strijd tegen 'het terrorisme'.
De verschillen in benadering houden minder verband met een
verschil in uiteindelijke doelstelling, als wel met prioriteiten
van de Amerikaanse heersende elite in een gegeven situatie.
Onder Clinton werd vooral gewerkt aan de economische overheersing
en het onttrekken van omvangrijke kapitalen uit andere landen.
Tegelijkertijd werkten de Verenigde Staten onder zijn leiding
aan het creëren van nieuwe internationale verhoudingen
voor verdergaande militaire actie. De NAVO werd omgevormd
van een defensieve organisatie tot een aanvalsmacht, die
zich heeft uitgebreid met landen uit Oost-Europa. De oorlogen
op de Balkan dienden om de Federale Republiek Joegoslavië
te ontmantelen en het gebied onder militaire controle te
krijgen om het tot een strategisch punt in de strijd om
Eurazië te maken. Met het optreden in Kosovo heeft
de NAVO haar visitekaartje voor de 21ste eeuw afgegeven:
optreden zonder mandaat van de VN!
Bush
Met het aantreden van Bush zijn we
onmiskenbaar in een nieuwe situatie beland. Er is een groep
extremisten uit de coulissen getreden, die op nog agressievere
wijze de Amerikaanse macht laat gelden. Wat het presidentschap
van Bush 'historisch' maakt is het feit dat zijn machtsovername
zonder meer bestempeld kan worden als een staatsgreep. Door
intimidatie, uitsluiting van kiezers en het staken van het
tellen van de stemmen toen een nederlaag dreigde, is hij
aan de macht gekomen.
Vrijwel direct na zijn machtsovername heeft Bush de aanval
ingezet op de rechten en het inkomen van de Amerikaanse
werkende bevolking. Tegelijkertijd hebben belastinghervormingen
ervoor gezorgd dat de rijke toplaag van de Amerikaanse samenleving
er financieel flink op vooruit is gegaan.
Daarbij komt dat de Amerikaanse economie in een crisis is
beland, die vele honderdduizenden werkloos heeft gemaakt.
De daling van de koersen van de aandelen sedert het afgelopen
jaar heeft geleid tot inkomstendaling van zeer grote omvang,
aangezien vele mensen juist in aandelen hun inkomen en toekomst
dachten te kunnen verzekeren. De casino-economie die vooral
eind jaren negentig zo aantrekkelijk leek, is voor velen
geëindigd in de kater van een totaal bankroet. Niet
alleen is een belangrijk deel van het persoonlijk kapitaal
van de Amerikaanse bevolking verdampt, ook pensioenfondsen
zijn in grote problemen gekomen en daarmee de oudedagvoorziening
van miljoenen mensen.
Hoewel grote bedrijven een tijd lang konden sjoemelen met
hun boekhouding, om te voorkomen dat de zeepbel van de illusie
van eeuwig durende stijging van aandelen zou uiteenspatten,
bleek dit uiteindelijk niet langer mogelijk. Een groot aantal
corruptieschandalen en faillissementen bracht aan het licht
hoe diep de corruptie en de verloedering van het kapitalistisch
systeem was gevorderd. Bij die corruptieschandalen in de
Verenigde Staten werd ook duidelijk hoe president Bush en
vice-president Cheney zelf daarin verstrikt waren.
Aanslagen
In die situatie vonden op 11 september
van het vorig jaar de aanslagen plaats in New York en Washington.
Bush kon de aandacht afleiden van de corruptie die het Amerikaanse
systeem op haar grondvesten deed schudden en van de vraagtekens
rond de legitimiteit van zijn presidentschap. Hij kreeg
de gelegenheid zijn zeer geringe populariteit op te vijzelen
en de Amerikaanse samenleving kreeg na de schok van de aanslagen
een golf van chauvinisme en militarisme te verwerken die
een zekere tijd haar uitwerking niet gemist heeft.
Over de aanslagen zelf hangt nog steeds een waas die het
moeilijk maakt om te beoordelen wie hiervoor verantwoordelijk
zijn geweest. De voorkennis van Amerikaanse politie- en
veiligheidsdiensten, de leugens en tegengestelde verklaringen
over wat zich heeft afgespeeld, duiden op z'n minst op een
grotere betrokkenheid van de Amerikaanse autoriteiten dan
naar buiten toe wordt toegegeven.
Direct na de gebeurtenissen van 11 september werden een
reeks van maatregelen aangekondigd die een ernstige aantasting
van de rechtsstaat betekenen. De Verenigde Staten glijden
langzaam maar zeker af naar een semi-fascistische staat:
mensen kunnen willekeurig voor onbepaalde tijd worden vastgezet,
rechtbanken maken plaats voor krijgsraden en interneringkampen
worden in gereedheid gebracht om politieke tegenstanders
op te bergen. Kritiek op het regeringsbeleid wordt gelijkgesteld
aan hoogverraad. De Verenigde Staten hebben de oorlog verklaard
aan het terrorisme, alleen zorgvuldig vermeden te zeggen
wie zij precies als terroristen beschouwen; in hun ogen
kan iedereen een terrorist zijn.
De bewering dat Osama bin Laden en al Qaida verantwoordelijk
zouden zijn, wordt weliswaar braaf door de media herhaald,
maar in werkelijkheid niet serieus genomen. Niet alleen
wordt de technische en logistieke mogelijkheid vrijwel uitgesloten,
maar bin Laden en al Qaida zijn gedurende een groot aantal
jaren juist door de Verenigde Staten gesteund en gebruikt.
Eerst in Afghanistan in de strijd tegen de Sovjet-Unie en
later bij de oorlog in Bosnië en Kosovo. Met miljarden
dollars uit de Verenigde Staten kon Bin Laden een internationaal
terroristisch netwerk opbouwen en ongestoord zijn gang gaan.
Het Franse blad Le Figaro heeft bericht dat Bin Laden slechts
enkele maanden voor de aanslagen nog in een Amerikaans ziekenhuis
in Dubai is behandeld en daar met CIA-functionarissen heeft
gesproken.
De cynische werkelijkheid is dat de terroristische
moslimorganisaties juist het product zijn van het Amerikaanse
machtsapparaat, dat in hen een bruikbaar wapen zag voor
het creëren van etnische conflicten en het uiteenspelen
van volken. Dit patroon hebben we gezien in Bosnië,
Kosovo en Macedonië op de Balkan en kunnen we op dit
moment zien in de Amerikaanse steun aan terroristen die
vanuit Georgië in Rusland opereren.
Ook in het Palestijns-Israëlisch conflict zien we dit
patroon. De banden van de CIA met krachten binnen de PLO,
met name El Fatah, zijn bekend. Van deze organisatie is
ook bekend dat zij haar oorsprong vindt in nazi-groepen
die nauw met Hitler verbonden waren. Arafat is een neef
van de Moefti van Jeruzalem, een uitgesproken antisemiet
en bondgenoot van Hiler. Arafat en El Fatah hebben in het
verleden voortdurend de progressieve krachten binnen de
PLO bestreden en hebben zich pas achter de Intifada geplaatst
nadat zij dreigden de controle over het Palestijnse volk
te verliezen.
De heersers in Washington en hun spindoctors
beheersen op magistrale wijze de kunst om emoties te gebruiken
bij het beïnvloeden van de publieke opinie, het sturen
van mensen en het tegen elkaar opzetten van volken. Zo kan
het gebeuren dat grote groepen mensen door emotionele beelden
en verhalen in de media over de gebeurtenissen in Israël
meegezogen worden in een gevaarlijke golf van antisemitisme
en de zelfmoordacties tegen onschuldige Israëlische
mensen als heldendaden beschouwen.
De media doen verslag van de gebeurtenissen in Israël
op dezelfde wijze als over het conflict in Joegoslavië.
Een duidelijk voorbeeld is de verslaggeving over de vermeende
massaslachting in Jenin. Palestijnse functionarissen hebben
later moten verklaren dat de beschuldiging volstrekt ongegrond
was, maar in de media is daar vrijwel geen melding van gemaakt.
Het oorspronkelijke beeld van de Intifada van met stenen
gooiende kinderen heeft plaats gemaakt voor terreuracties
waarin een grote minachting aan de dag wordt gelegd voor
het leven van mensen. Dit terrorisme vertoont alle kenmerken
van 'Made in USA' en past in de strategie van conflictbeheersing
om het te gebruiken wanneer het gewenst is.
Zo spelen de Amerikanen hun dubbelrol. Zij 'adviseren' zowel
de Israëlische regering als de PLO, zowel de Macedonische
regering als de Albanese terroristen die vanuit Kosovo Macedonië
binnenvielen, zowel Pakistan als India in hun conflict om
Kasjmir. De Amerikanen 'adviseren' alle strijdende partijen
om zo hun strategische doeleinden te realiseren. Het is
dan ook niet verwonderlijk dat ze ook in het Georgisch-Russisch
conflict de rol van 'adviseur' willen aanmeten.
Eurazië
Hoewel de binnenlandse situatie en
de economische en morele crisis belangrijke elementen zijn
bij de beoordeling van de Amerikaanse politiek na de aanslagen
van 11 september, is de internationale machtspositie van
de Verenigde Staten in deze doorslaggevend. De Amerikanen
hebben er nooit een geheim van gemaakt waar het hun om gaat:
de controle over wat zij Eurazië noemen, het gebied
dat zich uitstrekt vanaf de Balkan, via de Zwarte Zee, de
Kaukasus, Centraal Azië, tot het Verre Oosten.
De voornaamste tegenstanders die zij daarbij willen uitschakelen
zijn Rusland en China. Vooral Rusland is, ondanks de problemen
waar het land mee worstelt, door haar geografische positie
en militaire macht een belangrijke hindernis voor de absolute
wereldheerschappij van de Verenigde Staten.
Joegoslavië was de eerste stap in de oorlog om Eurazië.
Het is tegelijkertijd de spiegel voor Rusland. Wat met Joegoslavië
is uitgetest, heeft men in petto voor Rusland: haar invloed
in Centraal-Azië wegnemen en het land opdelen in machteloze
delen. Rusland mag niet opnieuw een supermacht worden of
daar zelfs maar aan denken. "In deze nationale veiligheidsstrategie
voor de 21ste eeuw zal het geen enkel land worden toegestaan
om onze militaire suprematie aan te tasten", schrijft
Bush.
De Amerikaanse plannen zijn in Moskou en China bekend en
dat heeft geleid tot een groeiende samenwerking tussen beide
landen. Dat blijkt uit het strategisch akkoord dat zij vorig
jaar sloten, hun samenwerking met India en de vorming van
de Shanghai Cooperation Organization (SCO), waar Rusland,
China, Kazachstan, Tadzjikistan, Oezbekistan en Kirgistan
deel van uitmaken.
Het is in die situatie dat Bush de gebeurtenissen van 11
september aangreep om een militaire interventie uit te voeren
in Afghanistan. Hij gaf daarmee letterlijk uitvoering aan
de woorden van Brezinski die al eerder had geschreven: "De
Verenigde Staten moeten zien te voorkomen dat er een heimelijke
verstandhouding tussen onze vazallen ontstaat en er voor
moeten zorgen dat de barbaren zich niet aaneensluiten."
Hoewel de plannen al veel langer in de maak waren, bood
11 september de gelegenheid zich via de zogenaamde oorlog
tegen 'het terrorisme' militair te vestigen in een gebied
dat door Rusland, China, India, Pakistan en Iran wordt omgeven.
Vanaf dat moment zijn de Amerikanen in een snel tempo begonnen
met het vestigen van militaire bases in vrijwel alle Centraal-Aziatische
republieken die voorheen tot het gebied van de voormalige
Sovjet-Unie behoorden. In het Verre Oosten werd met een
vergelijkbare militaire opbouw begonnen in de landen die
grenzen aan de Zuid-Chinese Zee.
Inmiddels wordt over de strijd in Afghanistan nauwelijks
meer bericht, behalve die over wijzigingen van het commando.
Zo mocht de Nederlandse minister van Defensie via de pers
vernemen dat wij de twijfelachtige eer hebben gekregen met
Duitsland het commando in Afghanistan over te nemen. Uit
de schaarse berichten blijkt dat er bloedstollende misdaden
tegen de burgerbevolking worden begaan en dat dankzij het
Amerikaanse optreden het overgrote deel van de Taliban-
en al Qaidastrijders kon ontkomen. Ook bin Laden loopt nog
vrij rond.
Irak
Alle politieke en media-activiteiten
zijn nu gericht op Irak. Opnieuw maken de spindoctors overuren
om ons duidelijk te maken dat oorlog noodzakelijk is. Net
als in Joegoslavië en Afghanistan moet er oorlog worden
gevoerd om tot een verandering van regime te komen om de
vrede te garanderen. Ook hier gaat het weer om leugens.
Irak vormt geen enkele bedreiging. Het land is volstrekt
geruïneerd, niet alleen door de verwoestingen in de
Golfoorlog van 1990, maar vooral ook door de economische
sancties, waardoor naar schatting 2 miljoen mensen het leven
hebben gelaten. Ons land heeft daar op misdadige wijze aan
meegedaan, toen wij als lid van de Veiligheidsraad het voorzitterschap
van de sanctiecommissie bekleedden.
Er wordt gedaan alsof wij nu moeten handelen omdat er een
acuut gevaar dreigt. De 'internationale gemeenschap' mag
niet meer werkeloos toekijken. De werkelijkheid is dat de
'internationale gemeenschap' nooit heeft stilgezeten en
dat Irak voortdurend is gebombardeerd. Stelselmatig is gewerkt
aan technologische en logistieke verbeteringen van het leger
en de militaire opbouw voor een aanval op Irak is al heel
lang aan de gang. In Koeweit en Qatar worden permanente
militaire bases en commandostructuren opgebouwd en voor
de kust met Jemen wordt één van de grootste
Amerikaanse luchtmachtbases gebouwd, geschikt voor nucleaire
aanvallen op Rusland.
De aanval op Irak dient niet de vrede,
maar is de volgende stap - na Joegoslavië en Afghanistan
- in de plannen van de Verenigde Staten in hun poging de
wereld aan zich te onderwerpen. Velen menen dat het de Amerikanen
vooral te doen is om de controle te verkrijgen over de Iraakse
olie. Dat is een gevaarlijke illusie, die suggereert dat
Irak een doel op zich zou zijn. Maar noch Irak als land,
noch de olie, is wat de Amerikanen nodig hebben voor hun
wereldheerschappij. De oorlog tegen Irak is net als die
tegen Joegoslavië en Afghanistan een stap in de richting
van een veel grotere aanval, die op Rusland en China. Het
is een stap in de richting van een derde wereldoorlog.
Wat men met Irak voor heeft is een definitieve herschikking
van de politieke en militaire verhoudingen in het Midden-Oosten.
Volgens berichten wordt gestreefd naar een nieuw staatsverband
tussen Jordanië en Irak met aan het hoofd de koning
van Jordanië. Daarmee wordt een Amerikaanse vazalstaat
gevormd, die als buffer kan dienen tussen de belangrijkste
landen van het Midden-Oosten: Iran, Syrië, Saoedi-Arabië.
NAVO
In de Amerikaanse plannen met betrekking
tot Irak vallen verder een tweetal ontwikkelingen te constateren.
In de eerste plaats valt het samen met de grootste uitbreiding
van de NAVO, officieel in november op de top in Praag. Daarmee
bereikt de NAVO de noordelijke en oostelijke grenzen van
Rusland en Russische militaire leiders hebben al hun grote
zorg uitgesproken over stationering van atoomwapens aan
de Russische grens in de Baltische staten. Wat ontbreekt
is de inlijving van de Oekraïne en de Centraal-Aziatische
landen om de NAVO-omsingeling van Rusland compleet te maken.
We kunnen daarom verwachten dat in de komende periode de
aandacht op deze gebieden zal komen te liggen. Georgië
vervult nu al een belangrijke functie als voorpost van westerse
penetratie.
De nieuwe oorlogsvoorbereidingen vallen niet alleen samen
met de uitbreiding van de NAVO, de landen van de NAVO worden
ook gedwongen militair bij te dragen aan de Amerikaanse
oorlogsmachine. Op dit moment vindt er een omvangrijke roulatie
plaats van troepen en commando, waarbij de Verenigde Staten
en Engeland zich vrijmaken voor de aanvalsoorlogen en de
rest van de NAVO-landen een bezettingsmacht moeten leveren
voor de veroverde gebieden. Wat in de media wordt gepresenteerd
als 'overleg' om tot een internationale consensus en coalitie
te komen, is in feite niets anders dan het in gelid schoppen
van de NAVO-landen en hen dwingen om troepen te leveren
en mee te betalen.
De NAVO-landen zijn inmiddels akkoord gegaan met de vorming
van een snelle interventiemacht, die op elk moment waar
ook ter wereld ingezet moet kunnen worden. Deze beslissing
vloeit voort uit de Amerikaanse eis om de EU militair aan
de NAVO ondergeschikt te maken en zal dan ook verstrekkende
gevolgen hebben voor de toekomst van Europa.
VN
Een tweede ontwikkeling die samenhangt
met de Amerikaanse politiek inzake Irak is de gijzeling
van de Verenigde Naties. De Amerikaanse dreiging om desnoods
met Engeland alleen de aanval uit te voeren heeft tot grote
diplomatieke activiteit geleid om een optreden tegen Irak
binnen het kader van de VN te ondernemen. De Amerikaanse
chantage lijkt te lonen. Met of zonder VN-resolutie, een
aanval op Irak blijft misdadig en draagt op geen enkele
wijze bij aan vrede in de wereld. Maar onder de vlag van
een VN-resolutie degradeert het de Verenigde Naties - een
organisatie van staten die de soevereiniteit en territoriale
onschendbaarheid als uitgangspunt neemt voor de relaties
tussen staten - tot instrument van de Amerikaanse politiek.
Het betekent de doodsteek voor deze organisatie en maakt
van de wereld een jungle waar het recht van de sterkste
overheerst.
De grote vraag is of het tij gekeerd kan worden en zo ja
hoe kan dat gebeuren? Is een nieuwe oorlog te vermijden
en kan een proces in werking gezet worden waarin het expansionisme
van de Verenigde Staten en de NAVO een halt wordt geroepen?
Of dat mogelijk is hangt af van de mate waarin de vredeskrachten
de publieke opinie weten te mobiliseren. Wanneer we zien
dat in Londen 400.000 mensen gedemonstreerd hebben, met
deelnemers uit uiteenlopende politieke richtingen, waaronder
velen voor de eerst maal van hun leven, dan is dat een hoopvol
teken. Ook in andere landen, zoals Italië zijn vele
duizenden de straat op gegaan.
Hoe machtig ook de Amerikanen en NAVO-machthebbers mogen
lijken, geen enkel land of systeem kan een oorlog volhouden
als die in het eigen land door de massa van de mensen wordt
afgewezen. Om dat te bereiken moet het besef doordringen
dat vredesstrijd niet alleen een morele, ethische of politieke
kwestie is, maar een zaak die onze levensomstandigheden
diep zal raken, zowel persoonlijk als maatschappelijk.
Een oorlog tegen Irak zal grote gevolgen hebben voor de
economische ontwikkeling op wereldschaal. Berekend is dat
elke 10 dollar prijsstijging voor een vat olie, een vermindering
van 0,2 procent betekent voor de economische groei. De vrees
die nu door verschillende analisten wordt geuit is dat de
stijging van de olieprijs van 30 dollar tot mogelijk 60
en wellicht 100 dollar per vat kan oplopen. Het geeft aan
wat dit betekent voor de voorspelde economische groei van
ruim 1 procent. De groei verdwijnt en we belanden in een
diepe crisis.
Zelfs al zou er sprake zijn van een snelle overwinning en
al zou de stijging van de olieprijs binnen de perken gehouden
kunnen worden, waarin zelfs van een opleving van de aandelenkoersen
kan plaatsvinden, dan nog zal dat voor de algehele trend
weinig uitmaken.
De economische crisis dient zich in alle hevigheid aan.
De overproductie en de daling van de winsten zorgen voor
enorme schokken in het systeem. Werkeloosheid en verslechtering
van het levenspeil zullen miljoenen mensen tot wanhoop brengen.
Oorlog kan dit tijdelijk remmen, om vervolgens in versterkte
mate terug te keren.
Een imperium dat erin slaagt de absolute heerschappij te
vestigen, heeft slechts nog één doel: in stand
blijven en overleven. Het zal een constante strijd zijn
en uiteindelijk worden verloren. De Verenigde Staten zijn
nu de fase ingegaan om definitief hun wereldheerschappij
te vestigen. Slagen ze daar niet in, dan staat het voortbestaan
van het kapitalisme op het spel. In voorgaande fasen van
expansionisme (de oorlog van 1898 om Cuba, Puerto Rico en
de Filippijnen, de Eerste en Tweede Wereldoorlog) konden
de Verenigde Staten hun economische en politieke macht vergroten.
Nu zij op hun top staan, is hun gevecht veel defensiever
van aard dan op het oog lijkt. Daarin zal steeds meer duidelijk
worden dat zij niet voor principes als mensenrechten en
democratie strijden, maar slechts voor hun eigen egoïstische
belangen.
De grote Zuid-Amerikaanse strijder, Simon Bolivár,
schreef in het begin van de negentiende eeuw: "De Verenigde
Staten van Noord-Amerika zijn in naam van de democratie
een plaag voor Zuid-Amerika." Zijn woorden gaan niet
meer op alleen voor Zuid-Amerika, maar voor de hele wereld.
* Uit het maandblad TARGETS van september
2002.
|