|
Colin Powell: als ik hard genoeg lieg,
blijft er toch iets hangen...
Door Peter Franssen.
Amerikas minister van Buitenlandse
Zaken had op voorhand gezegd dat hij geen smoking gun zou
kunnen aanwijzen, geen definitief bewijs. Maar niemand had
verwacht dat Powell de psychologische oorlog tot in die
graad zou durven voeren: zijn toespraak was bij passages
gelijk aan die van Goebbels, de propagandaminister van Hitler.
Met in het achterhoofd: hoe harder ik lieg, hoe meer kans
ik heb dat er toch iets blijft hangen.
Bijvoorbeeld over de biologische wapens
van Irak. Voor onze informatie steunen we vooral op menselijke
bronnen, zegt Powell. "Wij hebben vier bronnen die
zeggen dat Irak over mobiele productie-eenheden beschikt.
De eerste bron is een scheikundig ingenieur die meewerkte
aan het productieprogramma maar nu in een ander land leeft.
De tweede bron is een burgerlijk ingenieur. De derde bron
was ook in staat dat te weten. De vierde bron is een uitgeweken
majoor." Dat is letterlijk alles. Niet één
naam, geen enkel detail, geen namen van medewerkers, geen
beschrijving van de resultaten van dat zogezegde productieprogramma.
Als bewijsvoering die moet dienen om een desastreuze oorlog
te ontketenen is dat wel zéér weinig.
Voorbeeld twee: de chemische wapens. Powell
begint de passage hierover zo: "In feite is er in de
geschiedenis van de chemische oorlogsvoering geen land dat
sinds de Eerste Wereldoorlog zoveel ervaring ten velde heeft
als Irak." Een straf staaltje van zelfonderschatting.
De Verenigde Staten hebben tussen 1962 en 1970 tien procent
van het Zuid-Vietnamese grondgebied vernietigd met agent
orange, een chemisch wapen gebaseerd op dioxine. Dat leidde
tot een verschrikkelijke ecologische ramp en tot de wildgroei
van drie soorten kankers, bewegingsziekten, open rug bij
babys die vandaag geboren wordt. In september 1970
gebruikten de Verenigde Staten sarin-gas in Laos, onder
meer tegen een dorp waar gedeserteerde Amerikaanse soldaten
hun toevlucht gezocht hadden. In de jaren 70 en 80
probeerden de Amerikanen in Cuba met chemische en biologische
wapens de veeteelt en de landbouw kapot te maken.
Omdat de bewijsvoering tegen Irak zo zwak
is, gooit Powell er volgende leugen tegenaan: "We hebben
bronnen die ons zeggen dat het regime van Saddam sinds de
jaren tachtig experimenteert op mensen om de biologische
en chemische wapens te vervolmaken. Een bron zegt dat 1.600
terdoodveroordeelden in 1995 voor zon experimenten
aan een speciale eenheid overgedragen werden. Een ooggetuige
zag hoe gevangenen die vastgebonden lagen op een bed, proeven
moesten ondergaan. Ze hadden bloed om de mond en later werd
een autopsie op hen uitgevoerd om het effect van de experimenten
na te gaan." Deze passage is van hetzelfde fascistische
allooi als de leugen die de Amerikanen in 1991 vertelden
over de Koeweitse babys. Die zouden door Iraakse soldaten
uit hun couveuse gegrepen zijn en tegen de grond gesmakt.
Later bleek dit verhaal van a tot z verzonnen door een groep
Amerikaanse public relationsfirmas die door vader
Bush, de toenmalige president, ingehuurd waren. Dezelfde
firmas werken nu voor zoon Bush.
Grottenstraat nummer 12 in Kandahar
Powell probeerde ook met alle middelen
Irak aan Al Qaeda te linken. Door bijvoorbeeld te zeggen
dat er een terroristische cel van Al Qaeda actief is in
Irak. Weliswaar in het gedeelte van het land dat onder controle
staat van Koerdische separatisten, een gebied waar het Iraakse
leger weggehouden wordt door Amerikaanse en Britse gevechtsvliegtuigen.
Mààààr, zegt Powell: "Dat
is geen excuus want wij weten dat één geheim
agent van Irak erin geslaagd is te infiltreren in de organisatie
die de regio controleert." Helemaal hilarisch wordt
het bij de volgende alleszeggende zin van Colin Powell:
"Irakis blijven bezoeken brengen aan bin Laden,
in zijn nieuw huis in Afghanistan." Zeker. Wellicht
in de Grottenstraat nummer 12 in Kandahar.
(PVDA.be, 07-02-2003)
|