|
Colijn is weer terug.
Door Chris Steijvers.
En daar was hij weer, de miljoenennota.
Zoals ieder jaar trouw op de derde dinsdag van september,
alleen dit jaar al in een zeer vroeg stadium uitgelekt.
Bijna ieder ministerie had de belangrijkste beleidsvoornemens
al uitgebreid onder de aandacht gebracht en als klap op
de vuurpijl kon de pers ook nog eens de hand leggen op een
concept van de nota. Al met al was er op prinsjesdag dus
niets nieuws meer te melden.
Met de termen waar het in de ogen van
het huidige kabinet allemaal om draait, worden we al maanden
om de oren geslagen. Productiviteitsverhoging, concurrentiepositie,
groei, innovatie, vergrijzing, arbeidsparticipatie, begrotingstekort,
kenniseconomie, structureel veranderen en ga zo maar door.
Alleen het woord "vertrouwen" was nieuw. Het is
ook geen wonder dat er nu zo'n nadruk op vertrouwen wordt
gelegd, volgens de opinieonderzoeken is er maar zelden een
Nederlandse regering geweest die zo weinig vertrouwen bij
de bevolking opriep als de huidige ploeg Balkenende.
Uiteraard wordt er van alle kanten zinvolle
kritiek op het regeringsbeleid aangedragen. Zelfs de werkgeversorganisaties
en het Centraal Planbureau zijn het op belangrijke onderdelen
hartgrondig oneens met dit kabinet. De constatering dat
met het nu ingezette beleid de economische problemen eerder
zullen verergeren dan verbeteren, is op zich natuurlijk
juist. De breuk tussen kabinet en vakbeweging en het verstoren
van het overlegmodel van het kabinet met organisaties zoals
de Vereniging Nederlandse Gemeenten wordt algemeen als overbodig
gezien.
Toch gaat het daar allemaal niet om. De
breuk met de vakbeweging en ook de verheviging van de oppositie
in de Tweede Kamer moeten we met een ruime schep zout nemen.
Een van de gangmakers van dit kabinet, minister De Geus
van Sociale Zaken, is immers van huis uit vakbondsman. De
huidige voorzitter van de FNV De Waal liep zich, toen er
nog sprake was van een kabinet dat uit CDA en PvdA zou gaan
bestaan, al warm voor de post die De Geus nu inneemt. En
geloof maar dat wanneer De Waal nu daadwerkelijk minister
van Sociale Zaken zou zijn geweest, hij dezelfde maatregelen
zou nemen die nu door De Geus worden genomen.
Evenzo is het met de oppositie van de PvdA. Nu schreeuwen
ze moord en brand dat de WAO wordt afgebroken, ze vergeten
dat hun toenmalige staatssecretaris van Sociale Zaken Terveld
met die afbraak is begonnen. De door deskundigen en belanghebbende
fel bekritiseerde bezuinigingen in de jeugdzorg met als
gevolg minder groepsleiders, meer jongeren in één
cel en het in de gevangenis opsluiten van jongeren die geen
delict hebben gepleegd, zijn vastgesteld door het tweede
paarse kabinet waar de PvdA deel van uit maakte.
Toen ik onlangs bij de visboer een zoute
haring kocht, zei een oude vrouw tegen me: "Hap er
nog maar eens lekker in jongen, straks kan het niet meer,
Colijn is weer terug". Het is inderdaad treffend. De
grote structurele werkloosheid van de dertiger jaren, die
door het beleid van de toenmalige regering alleen maar werd
aangewakkerd, doet zich ook nu weer voor. Zelfs De Geus
moet erkennen dat er bij onveranderd beleid in het jaar
2020 maar liefst 2 miljoen Nederlanders niet meer aan de
bak zullen komen. Tegenover de groeiende groep arme Nederlanders,
zelfs de middeninkomens beginnen al te klagen dat ze niet
meer rond kunnen komen, staat een kleinere maar eveneens
groeiende groep die zo rijk is dat ze hun geld niet eens
meer kunnen uitgeven. Dat was onder het bewind van Colijn
ook het geval. De pogingen die door de politieke elite worden
ondernomen om het ongenoegen onder de bevolking af te wentelen
op onschuldige slachtoffers zijn eveneens niet veranderd.
Toen kregen de joden de volle laag, nu zijn het de moslims.
Zelfs de oproep aan de bevolking in de troonrede om vertrouwen
te hebben, lijkt wel van Colijn overgenomen. Colijn deelde
immers aan de Nederlanders mee dat ze "rustig konden
gaan slapen" (vaak wordt gedacht dat hij dat aan de
vooravond van de tweede wereldoorlog zei, maar hij zei het
in werkelijkheid jaren daarvoor met de bedoeling zijn destructieve
economische beleid te verkopen). Er zijn commentatoren die
een regelrechte lijn trekken tussen Colijn en Balkenende,
niet alleen vanwege hun regeringsbeleid, maar ook omdat
ze beide uit een Calvinistisch nest stammen. Benepenheid,
zuinigheid en een schijnheilig beroep op waarden en normen,
dat zijn toch wel de in het oogspringende negatieve kenmerken
van deze interpretatie van het christendom.
Het beleid van Colijn heeft geen economische
opleving gebracht. Alleen de landen die de theorie van Keynes
(koopkracht bevorderen door de overheidsuitgaven te verhogen
en de daarbij oplopende begrotingstekorten tijdelijk voor
lief nemen) toepasten zijn er wat gunstiger uitgesprongen.
De tegenbegrotingen van de oppositie gaan ook die kant op,
ook al willen ze zich blijkbaar niet bezondigen aan oplopende
begrotingstekorten. Daarbij beroepen ze zich er wel op dat
zij, in tegenstelling tot het kabinet, structurele veranderingen
in touw zetten. Dat is echter niet zo, zelfs Keynes biedt
geen structurele oplossing.
De kern van het probleem zit in de vrijemarktideologie.
Zolang de mensen blijven geloven in het bestaan van een
vrije markt, zal er niets veranderen in de steeds weer optredende
golfbeweging van hoog- en laagconjuncturen. De vrijemarktideologen
ontkennen dat de mens economische processen in zijn greep
heeft. Ze doen het voorkomen alsof iedereen is overgeleverd
aan economische wetmatigheden die los van menselijk handelen
staan. In werkelijkheid worden economische processen echter
voor het grootste deel bepaald door mensen van vlees en
bloed, namelijk de eigenaren van de productiemiddelen en
hun handlangers.
Wanneer deze eigenaren van de productiemiddelen
alleen maar geldelijk gewin nastreven, wat meestal het geval
is, dan hoeven we ons er niet over te verwonderen dat er
aan belangrijke menselijke behoeften niet wordt tegemoet
gekomen. Dan hebben we inderdaad een samenleving waar enerzijds
werk dat maatschappelijk uiterst zinvol is (gezondheidszorg,
openbaar vervoer, woningbouw, onderhoud van de publieke
ruimte, rechtspraak etc) niet wordt uitgevoerd omdat het
geen of niet genoeg geldelijk gewin oplevert. Een samenleving
waar zowel de meest geavanceerde vernietigingswapens als
volkomen overbodige consumptieartikelen worden geproduceerd
omdat dat voor een kleine elite veel geld in het laatje
brengt. Een samenleving waar een groot deel van de beroepsbevolking,
zowel hoog als laag opgeleid, aan de kant staat en buitengesloten
wordt omdat ze niets te bieden hebben waarmee ze de winsthonger
van de miljardairs kunnen stillen.
Het kabinet Balkenende is zich terdege
bewust van de maatschappelijke onrust die broeit ten gevolge
van het heersende vrijemarktfundamentalisme. Men tracht
deze onrust te bestrijden met het bekende waarden- en normenoffensief.
Het ziet er echter niet naar uit dat het kabinet veel vertrouwen
heeft in deze aanpak. De bouw van nieuwe gevangeniscellen
en de afbraak van het strafprocesrecht gaan ondertussen
immers gestaag door.
Een door straatprotesten en stakingen
geforceerde kabinetscrisis zal op dit moment ook weinig
oplossen. In plaats van de moderne versie van Colijn kunnen
we hooguit een andere handlanger van de eigenaren van de
productiemiddelen als premier krijgen. Voordat Bos immers
PvdA-leider werd, had hij een prachtige loopbaan bij Shell,
een van de grootste multinationals.
Toch is het natuurlijk van het grootste
belang dat de mensen zich niet neerleggen bij de gang van
zaken. Georganiseerd verzet is en blijft de enige mogelijkheid
om het tij te keren. De demonstratie van 2 oktober in Amsterdam
kan een goed begin zijn.
Kom daarom op 2 oktober naar Amsterdam.
|