|
Amerikaans geweld.
Door Wietse Ratsma.
(22-04-04)
"Als wij geweld moeten gebruiken,
dan is dat omdat wij Amerika zijn. Wij zijn de onmisbare
natie. Wij staan hoog aangeschreven. Wij zien verder in
de toekomst." (Staatssecretaris
Madeleine Albright van de Verenigde Staten, in verdediging
van het gebruik van kruisraketten tegen Irak in februari
1998)
De bovenstaande woorden, zes jaar
geleden uitgesproken door Madeleine Albright, destijds staatssecretaris
in de regering Clinton typeren het dilemma van Amerikanen
die een meer vredesvolle politiek van hun land in de wereld
voorstaan. Tegelijkertijd is het ook een bron van irritatie
voor de wereld buiten de grenzen van de Verenigde Staten.
Want met deze verklaring geeft Albright zeer duidelijk uitdrukking
aan de arrogantie van macht
die iedere Amerikaanse regering, of ze nu uit Democraten
of uit Republikeinen bestaat, regelmatig projecteert vis
á vis de rest van de wereld.
Albright was een hooggeplaatst lid in
een regering van de Democratische Partij waarvan de buitenlandse
politiek weinig verschilde van zowel haar voorgangers als
die van het tegenwoordige Bush-regime. Ter herinnering,
Clinton voerde bijna onafgebroken bombardementen uit op
Irak gedurende zijn acht jaar als president, hij vuurde
raketten af op Afghanistan, bombardeerde fabrieken in Soedan
en voerde oorlog tegen Joegoslavië, niet bepaald het
afschrift van een vredesvolle president.
De verklaring van Albright, een
belichaming van de soort arrogantie van macht dat zovelen
in de wereld bezwaard, past ook gemakkelijk op het Bush-regime.
Als we iets van de religieuze vurigheid van Bush aan Albright's
verklaring toevoegen krijg je zoiets als:
"Als wij geweld moeten gebruiken dan is dat omdat ik
George W. Bush ben, herboren Christen en leider van Gods
uitverkoren natie. Ik ben de onmisbare leider van de wereld,
aangesteld door God. Ik sta hoog aangeschreven en boven
de internationale wetgeving, want God leidt mij om verder
in de toekomst te kunnen zien."
Nog een andere bekende en net zo
beruchte uitspraak van Madeleine Albright heeft te doen
met de economische sancties tegen Irak. Toen interviewer
Lesley Stahl op het TV programma '60 minutes' haar vroeg
over de vermelde dood van een half miljoen Iraakse kinderen
als resultaat van deze sancties was haar antwoord:
"Wij denken dat het die prijs waard was."
Zo'n duidelijk vertoont gebrek van respect
voor mensenlevens, komend van een van de leiders van het
land dat anderen continue bekritiseerd voor hun schending
van mensenrechten moet wel gerekend worden tot een van de
meest hypocritische verklaringen ooit. Maar alweer, het
verschilt weinig of niets van het beleid van George W. Bush,
die in een recente toespraak carte blanche gaf aan zijn
militairen in Irak om al het nodige geweld te gebruiken
dat nodig zou zijn om de weerstand van het Iraakse volk
in hun strijd tegen de bezetting van hun land te breken.
Het is bekend dat tienduizenden Iraakse burgers in het laatste
jaar het leven hebben verloren, maar het Bush-regime verklaart
"geen interesse" te hebben in dat aantal. Het
is daarom wel duidelijk dat mensenlevens weinig betekenis
hebben in hun lust voor macht, grondstoffen en wereldhegemonie.
De 'onmisbare natie' ziet de dood van deze Iraakse vaders,
moeders en kinderen duidelijk als: "het is de prijs
waard".
Maar het zijn niet alleen de levens van
Iraakse burgers waar Bush en co. geen bal om geven. Zelfs
de dood van Amerikaanse troepen krijgt nauwelijks enige
vermelding. Ook hier lijkt 'het is de prijs waard' het motto
te zijn van de VS-regering. De doodskisten van VS-militairen
die op Amerikaans grondgebied aankomen mogen door geen journalist
vertoont worden, want dat zou de steun voor de oorlog onder
het volk kunnen ondermijnen. Ook wordt geen enkele begrafenis
door Bush zelf of door een ander hooggeplaatst lid van zijn
regering bijgewoond. Andere informatie blijft ook schaars,
zoals het aantal gewonde Amerikanen, hoeveel er zijn die
lijden aan geestelijke overspanning of die ziek zijn vanwege
chemische of uitstralingsbesmetting, het beruchte Golfsyndroom,
om nog maar niet te praten over het aantal militairen dat
na verlof niet naar Irak terugkeert. Verberging van de oorlogsrealiteiten
aan een aarzelende en argwanende bevolking wordt gezien
als noodzakelijk voor de handhaving van steun voor die oorlog,
waarvan velen de noodzaak en de juistheid betwijfelen. Maar
men vreest ook dat de vervanging van Republikein Bush door
Democraat John F. Kerry in de komende presidentsverkiezing
geen oplossing zal brengen, maar dat, traditiegetrouw, de
ene agressor door de andere wordt vervangen.
Nog een andere overeenkomst in de politiek
van Republikeinen en Democraten wordt gevonden in de eindeloze
steun van iedere VS-regering voor Israël, hoeveel Verenigde
Naties resoluties die ook versmaden of hoeveel Palestijnen
zij vermoorden. Nadat zij Israël voorzien hebben van
een van de best bewapende legers in de wereld, de bezetting
van Palestijnse grond goedkeuren, steun verlenen aan de
vestiging en uitbreiding van een soort van apartheidsstaat,
gestemd heeft tegen iedere VN-resolutie die ook maar de
geringste kritiek leverde op de acties van Israël,
dat alles maakt de positie van de VS onverwijld duidelijk
als pro-Israël en anti-Palestina. Op dit moment, terwijl
de hele wereld de opeenvolgende moorden van twee Hamas-leiders
door Israël verfoeit en veroordeelt, onthoudt de VS
zich van ook maar enige kritiek en keurt het deze acties
heimelijk goed. Dat houdt niet in dat de Palestijnse zelfmoordaanslagen
en andere moorden op Israëli's goedgekeurd kunnen worden.
Maar het is wel zo dat, als je als onpartijdige scheidsrechter
in een dispuut wilt optreden en je wil inzetten voor de
vrede, dat je dan niet instrumenteel kunt zijn in het aanleggen
van zo'n ongelijk speelveld en verwacht dat de wereld je
zal zien als een vredesmaker. Palestijnen, nadat ze uit
hun land verjaagd zijn, na jaren van vernedering, discriminatie,
destructie en oorlog, en met vrijwel geen hoop dat de VN
of iemand anders echt iets zal doen om hun situatie te verbeteren,
zoeken hun toevlucht in zelfmoordaanslagen. Het is een uitdrukking
van absolute en totale wanhopigheid.
Op al deze conflictsituaties (en nog vele
andere) reageert de VS met militair geweld, soms direct,
soms indirect. Zowel Democratische als Republikeinse regeringen
hebben deze weg consequent gevolgd, altijd onder het mom
van hun "democratische en humanitaire" doeleinden
als het excuus voor hun interventie. Het resultaat van deze
politiek is wat nu "terrorisme" genoemd wordt.
Amerika heeft militaire bases en troepen in meer dan 130
landen in de wereld, en dit aantal is nog steeds groeiende.
Zijn zij daar voor de bescherming en veiligheid van de Amerikaanse
bevolking? Wie dat gelooft moet zich eens afvragen waarom
Amerikanen zoveel meer bescherming nodig hebben dan andere
volkeren in de wereld. Misschien wordt het dan duidelijk
dat het gebruik van een machtspolitiek - welke partij er
ook regeert - nooit tot vrede zal leiden. Integendeel, vroeger
of later komen de kuikentjes uit het ei dat men gelegd heeft.
En dezer dagen ziet het er naar uit dat de broedtijd voorbij
is.
* Dit artikel is eerder gepubliceerd in het
Engels op www.AxisofLogic.com
onder de titel "Force is not the answer".
|