|
Het faillissement van het compromis.
Ingezonden column door Egbert Schellenberg
27 oktober 2009
Met enige regelmaat spreek ik mensen
die mijn passie voor strijd en mijn afkeer voor de poldercompromissen
niet begrijpen. Compromissen zijn toch onvermijdelijk, klinkt
het dan. Nu ben ik in het dagelijks leven vakbondsbestuurder
en CAO onderhandelaar en sluit dus aan de lopende band compromissen.
Maar in die gevallen vragen wij, als voorbeeld, bij elkaar
voor 6 procent aan verbeteringen en gaan dan als compromis
met 3 procent naar de achterban. De momenten dat ik met
verslechteringen naar de achterban moest, waren altijd ingegeven
door slechte poldercompromissen van de FNV-leiding. Als
je naar de politiek kijkt en je gaat op zoek naar het laatste
kabinet waarin de PvdA nog compromissen sloot over echte
verbeteringen dan moet je terug naar 1977.
In 1977 viel het kabinet Den Uyl omdat
een verregaand voorstel om grondspeculatie in te dammen
werd getorpedeerd door coalitiegenoot CDA, althans de voorgangers
van deze partij. Dat ging toen nog om het bevechten van
verbeteringen voor de gewone mensen. Toen kon de PvdA nog
met recht zeggen dat haar regeringsdeelname gebaseerd was
op het tot stand brengen van meer rechten voor werknemers.
Uit die tijd stamt de Wet Ondernemingsraden, de Vermogensaanwasdeling
en de Wet op de Investeringsrekening. Maar na de val van
het kabinet Den Uyl is met Bestek 81 door de CDA/VVD-regering
onder leiding van v. Agt begonnen met de aanval op de verworvenheden
van de werknemers in ons land. Toen in 1989 de PvdA opnieuw
regeringspartij werd, keerden de tijden van Den Uyl niet
terug.
Het ging nu steeds om het verzachten van
voorgestelde verslechteringen en allang niet meer over verbeteringen
die door compromissen gefaseerd werden doorgevoerd. Het
compromis van de sociaal-democratie dient vanaf die tijd
slechts om de afbraak te vertragen. Als voorbeeld nog maar
even het ombuigingspakket van Minister Kok uit 1990. Huurverhoging
van 5,5 procent, tariefsverhogingen in het openbaar vervoer,
verhoging van accijnzen en motorrijtuigenbelasting ("kwartje
van Kok"). Beperking van het ziekteverzuim moest fl.
1 miljard opleveren. Een voorgenomen verlaging van de btw
ging niet door.
Wat al heel lang duidelijk is, is dat
de PvdA niets meer met het Socialisme te maken heeft, maar
hardop uitgesproken wordt dit pas op 11 december 1995 als
Kok tijdens de Den Uyl-lezing verklaard dat "een werkelijke
vernieuwing van de PvdA begint (... ) met een definitief
afscheid van de socialistische ideologie; met een definitieve
verbreking van de ideologische banden met andere nazaten
van de traditionele socialistische beweging."
In 1999 verruimt het Paarse kabinet, na
een polderdeal met de FNV, de mogelijkheid voor het werken
met dienstverbanden voor bepaalde tijd in de veronderstelling
dat werkgevers dan fatsoenlijker met tijdelijke werknemers
zullen omgaan. De wet Flex en zekerheid. De werkgevers grijpen
de nieuwe mogelijkheden met twee handen aan en de tweedeling
tussen werknemers met een vast of tijdelijk dienstverband
wordt alleen maar scherper.
Het hoogtepunt van de negatieve compromispolitiek
is wel de handtekening die Kok in 2000 als Minister-president
zet onder de strategie van Lissabon. Het is de aanzet tot
de grote neo-liberale aanval op alles wat de werknemers
van Europa tot dan aan rechten hebben opgebouwd. In Nederland
krijgen we aanvallen op de WW, Ziektewet, WAO, prepensioen
en ontslagrecht te verduren. In 2003 en 2004 probeert de
FNV, met eerst een nullijn en daarna maximaal 1,5 procent
loonsverhoging en in ruil voor een pensioenakkoord (Museumplein)
het tij te keren. Maar het zijn steeds poldercompromissen
om de schade te beperken. Tussendoor komt ook in 2008 opeens
een polderakkoord over het ontslagrecht uit de hoge hoed.
De FNV riep steeds handen af van het ontslagrecht, stemt
opeens in met een knip bij 75.000 euro en het jaar is nog
niet om of de kantonrechters hebben hun formule effectief
met 30 procent verlaagd en de FNV-leiding roept in koor:
daar gaan wij niet over. Schiet mij maar lek denk ik dan,
opzouten met die polder, waar is de barricade gebleven,
waar zijn de rode vlaggen.
Als gevolg van het Museumplein-akkoord
gaan alle werknemers vanaf 1 januari 2010 pas op 65 jaar
met pensioen. De overgangsregeling voor iedereen geboren
voor 1950 is dan namelijk uitgewerkt. Als gevolg van dit
akkoord zal de gemiddelde uittredingsleeftijd effectief
stijgen naar 63 jaar. Maar zie, de PvdA zit opnieuw in de
regering en nu moet het mes in de AOW op 65 jaar. Opnieuw
horen wij dat de PvdA zorg draagt voor een zachte landing.
De FNV-leiding sluit in maart 2009 een
polderakkoord waarin wij weer eens de looneis matigen en
de hete aardappel doorschuiven. Deze hete aardappel is de
AOW naar 67 jaar. Het kabinet neemt het principebesluit
maar geeft de SER nog een kans voor 1 oktober met alternatieven
te komen. De FNV-leiding legt het voor in een referendum.
Ja-stemmen is stemmen voor de AOW op 65 jaar. Nee-stemmen
is stemmen voor een vrijbrief voor dit kabinet hun plannen
door te voeren. Nee-stemmen is stemmen voor verdieping van
de crisis. Gelukkig heb ik toen ook mijn stem laten horen
en iedereen opgeroepen tegen te stemmen omdat je naar de
feiten moet kijken. Op grond van deze feiten had de FNV
al in maart 2009 de oorlog in de polder moeten afkondigen.
Als de deadline van het SER-traject nadert
weet je dat de FNV-leiding weer gaat polderen om de schade
te beperken. Op 29 september presenteert de FNV namens de
gezamenlijke vakcentrales haar alternatief. De AOW wordt
flexibel, door een ingewikkelde rekenmethode moet de AOW
op peil blijven terwijl we toch de stijging van de levensverwachting
meenemen, maar als vangnet wordt het bijstandsniveau genoemd.
Om de werkgevers over de streep te trekken geven we ze de
helft van de door hun gewenste bezuiniging in de pensioenen
cadeau. De werkgevers vinden het niet genoeg en trekken
de stekker eruit. De FNV-top kan hierdoor niet het volgende
poldercompromis sluiten en de federatieraad schrapt achteraf
de knelpunten uit het voorstel, maar de FNV-leiding doet
in de meeste interviews gewoon of haar neus bloedt.
Nu moet het over een andere boeg. Het
poldercompromis is mislukt. 7 oktober volgen de eerste acties,
21 november gaan we opschalen. De PvdA-top verdedigt voluit
de AOW verhoging en vindt wat asociaal is, namelijk de rekening
bij de minst draagkrachtigen neerleggen, opeens sociaal.
De PvdA gelooft in haar eigen sprookjes over zware beroepen
en mensen die 42 jaar achtereen gewerkt hebben en dan met
65 jaar AOW krijgen met een levenslange strafkorting.
Al 25 jaar wordt het argument van het
compromis gebruikt om de afbraak van werknemersrechten te
faseren. Ik wil alleen compromissen sluiten die leiden tot
meer rechten en tot verbetering. Met polder van de afgelopen
25 jaar kunnen ze mijn rug op. Het gezegde als uw machtige
arm dat wil staat heel het radarwerk stil, is vandaag de
dag nog steeds geldig.
Houd de AOW op 65.
Kameraden tot op de barricade.
Meer info:
http://www.fnvvechtvoorjerecht.nl/
http://www.europamoetanders.nl/
|