|
Eilandstaten slikken Australisch "Pacifisch
plan" met tegenzin
SINGAPORE, 30 oktober 2005 (IPS) - De
zestien landen van het Pacific Islands Forum (PIF) hebben
op een top in Papoea-Nieuw-Guinea een plan voor regionale
ontwikkeling en integratie goedgekeurd, zij het met tegenzin.
De eilandenstaten openen hun markten voor goederen en diensten
uit Australië en Nieuw-Zeeland, maar krijgen zelf geen
toegang tot de arbeidsmarkt van de twee rijke buren. Critici
noemen het plan "neokoloniaal".
Tot het PIF behoren naast Australië,
Nieuw-Zeeland en Papoea-Nieuw-Guinea ook de Cookeilanden,
Micronesië, Kiribati, Nauru, Niue, Palau, de Marshalleilanden,
Samoa, de Salomoneilanden, Tonga, Tuvalu en Vanuatu.
De Australische premier John Howard streek
bij zijn aankomst in de Papoease hoofdstad Port Moresby
meteen tegen de haren van de overige deelnemers in, door
te stellen dat Australië zijn grenzen niet zal openen
voor ongeschoolde arbeidskrachten uit de buurlanden in de
Stille Oceaan. De Australische boerenbond had een dag eerder
aangedrongen op korte werkvergunningen om seizoensgebonden
tekorten op te vangen. Howards Nieuw-Zeelandse collega Helen
Clarke voegde eraan toe dat haar voornaamste zorg inzake
seizoensarbeiders is dat ze na afloop van hun visum naar
huis terugkeren.
Het "Pacifisch Plan" bestaat
uit voorstellen die in de volgende drie jaar moeten worden
gerealiseerd, voorstellen waarover nog een principeakkoord
nodig is en voorstellen voor verdere studie. Voor de volgende
drie jaar staan onder meer regionaal technisch opleidingsinstituut,
een sportinstituut, de gezamenlijke aankoop van petroleum,
een strategie voor communicatie- en informatietechnologie
en een anti-corruptieagentschap op stapel. Op aandringen
van de eilandenstaten wordt het Pacific Island Countries
Trade Agreement tegen januari 2008 uitgebreid met een systeem
van werkvergunningen.
De eilandenstaten in de Stille Oceaan
verdenken Australië en Nieuw-Zeeland van racisme, omdat
beide landen elk jaar duizenden werkvergunningen geven aan
Europese rugzaktoeristen, ook uit voormalige Oostbloklanden,
om te komen helpen op boerderijen. Veel van hen blijven
langer dan hun visum toestaat. Vooral de Melanesiërs
in Fiji, Papoea-Nieuw-Guinea, de Salomoneilanden en Vanuatu
voelen zich omwille van hun donkere huidskleur gediscrimineerd.
Volgens de Australische FIP-secretaris-generaal
Greg Urwin helpt het plan de Pacifische eilandenstaten om
de gevolgen van de globalisering te verwerken en definieert
het concrete doelstellingen voor economische groei, ontwikkeling,
goed bestuur en veiligheid. Sinds de aanslagen van 11 september
is Canberra bijzonder actief in de regio omdat het wil voorkomen
dat zogenaamde "gefaalde staten" tot een veiligheidsrisico
uitgroeien.
Met ontwikkelingshulp als chantagemiddel
heeft Australië in de hele regio ambtenaren en politiemannen
geïnstalleerd. Fiji heeft een Australische politiecommissaris
en de Salomoneilanden zijn sinds 2003 vrijwel een Australische
kolonie geworden na de komst van een interventiemacht om
rust en orde te herstellen.
Vanuatu heeft Australische politieagenten
al twee keer aan de deur gezet op verdenking van spionageactiviteiten.
Australië trok tweehonderd agenten terug uit Papoea-Nieuw-Guinea,
nadat het hooggerechtshof hun immuniteit had opgeheven.
Intussen zijn er alweer veertig nieuwe agenten onder een
akkoord dat hen niet langer immuun maakt voor de wetten
van het land.
|