|
Vuil water doodt 4000 kinderen per dag
NEW YORK, 29 september 2006 - Vervuild
drinkwater en slechte of ontbrekende sanitaire voorzieningen
doden elk jaar zeker 1,5 miljoen kinderen jonger dan vijf.
Dat zegt het VN-kinderfonds Unicef in een nieuw rapport.
Veel ontwikkelingslanden boeken vooruitgang, maar in zwart
Afrika blijft de uitdaging enorm.
De statistieken zien er nog altijd heel
slecht uit. Van de 6,5 miljard mensen op aarde heeft nog
altijd meer dan een miljard geen toegang tot zuiver drinkwater.
Ruim 2,6 miljard wereldburgers hebben geen moderne sanitaire
voorzieningen. Bijna de helft uit van de mensen die daardoor
een permanent gezondheidsrisico lopen, zijn kinderen.
Diarree maakt in de wereld elk jaar ongeveer
1,9 miljoen slachtoffers bij kinderen jonger dan vijf, schat
Unicef. Ongeveer 1,5 miljoen van die kinderen overlijdt
als gevolg van bacteriën die worden overgedragen via
besmet drinkwater of menselijke uitwerpselen die niet snel
genoeg worden afgevoerd. Ziekten als tyfus en cholera die
ook samenhangen met ongezuiverd drinkwater, eisen ook een
hoge tol. Je mag bovendien niet alleen de doden tellen,
zegt Unicef-directeur Ann Veneman. "De ontwikkeling
en het gestel van miljoenen andere kinderen worden ondermijnd
doordat ze vaak en langdurig ziek zijn."
Een betere drinkwatervoorziening en goede
riolen dringen diarree en veel andere ziekten opmerkelijk
terug. Oost-Azië, het Midden-Oosten, Zuid-Azië
en Latijns-Amerika maken op dat vlak grote vorderingen.
Volgens Unicef zitten ze op koers om tegen 2015 het aantal
inwoners dat nog geen toegang heeft tot zuiver drinkwater
en goede sanitaire voorzieningen te halveren. Dat is één
van de Millenniumdoelen, acht fundamentele ontwikkelingsdoelstellingen
die de internationale gemeenschap in 2000 vastlegde.
Tussen 1990 en 2004 daalde het aantal
mensen zonder toegang tot gezuiverd drinkwater in Zuid-Amerika
van 74 tot 50 miljoen, en in Zuid-Azië (India, Pakistan,
Bangladesh en enkele kleinere landen) van 326 miljoen tot
222 miljoen. In 1990 had ook maar 17 procent van de mensen
in Zuid-Azië goede sanitaire voorzieningen, terwijl
dat nu 37 procent is.
Maar in Afrika bezuiden de Sahara, in
Centraal- en Oost-Europa en in veel voormalige Sovjetstaten
is nog veel werk aan de winkel. In zwart Afrika kan nog
bijna een derde van de mensen niet aan zuiver drinkwater
komen.
Volgens Unicef komen de geïndustrialiseerde
landen dicht in de buurt van universele toegang tot drinkbaar
water en goede sanitaire voorzieningen. Alleen de voormalige
communistische landen moeten nog een inhaalbeweging maken.
Unicef waarschuwt er ook voor dat veel rijke landen voor
grote investeringen staan om aftandse of lekkende installaties
te vernieuwen.
Veel geld is er ook nodig om de
ontwikkelingslanden die achterblijven te helpen. Volgens
Unicef en de Wereldgezondheidsorganisatie moet daarvoor
tot 2015 zeker 11,3 miljard dollar (bijna 9 miljard dollar)
per jaar uitgetrokken worden. Tachtig procent van dat geld
zou naar Afrika en Azië moeten gaan. (IPS,
Thalif Deen)
|