|
Latijns-Amerika neigt verder naar links
MEXICO-STAD, 28 november 2005 - De komende
twaalf maanden zijn cruciaal voor de politieke koers van
Latijns-Amerika. Elf Latijns-Amerikaanse landen gaan tussen
nu en december 2006 naar de stembus. Naar verwachting zal
het aantal linkse en centrumregeringen verder groeien.
Honduras beet op 27 november de spits
af. Daar won de liberale Manuel Zelaya tegen de verwachtingen
in de verkiezingen van Porfirio Lobo, kandidaat van de regerende
Nationale partij. Beide partijen zijn centrumrechts. Na
Honduras worden binnen twaalf maanden in nog elf landen
verkiezingen gehouden. Op 14 december zijn er verkiezingen
in Chili en vier dagen daarna in Bolivia. In Haïti,
waar de verkiezingen al verschillende keren zijn uitgesteld,
staan verkiezingen gepland voor januari. In februari volgen
verkiezingen in Costa Rica, in april in Peru en Colombia,
in juli in Mexico, in oktober in Brazilië, Ecuador
en Nicaragua en in november volgt Venezuela.
De kans lijkt groot dat het aantal linkse
regeringen in Latijns-Amerika nog verder groeit. Die verwachting
is gebaseerd op het feit dat centrumlinkse partijen een
goede kans maken om de verkiezingen te winnen in Bolivia,
Mexico, Nicaragua en Costa Rica. Daarnaast is het niet onwaarschijnlijk
dat de linkse regeringen in Brazilië, Chili en Venezuela
herkozen worden.
Uit opiniepeilingen in de landen waar
de verkiezingscampagne al in volle gang is, blijkt dat de
uitkomsten waarschijnlijk niet zullen leiden tot meer weerstand
tegen de geplande pan-Amerikaanse Vrijhandelszone (FTAA).
Dat internationale project brengt in heel Latijns-Amerika
de gemoederen in beweging.
"We weten het pas zeker als mensen
daadwerkelijk naar de stembus gaan, maar het lijkt er sterk
op dat er behalve in Bolivia geen spectaculaire veranderingen
te verwachten zijn in de Latijns-Amerikaanse positie ten
aanzien van de FTAA", zegt Alvaro Andrade, politicoloog
aan de Nationale Autonome Universiteit van Mexico.
De Venozolaanse president Hugo Chávez,
bekend om zijn anti-Amerikaanse retoriek, zei onlangs ervan
overtuigd te zijn dat Latijns-Amerika meer presidenten krijgt
die zijn toegewijd aan de "werkelijke belangen"
van de Latijns-Amerikaanse bevolking. In zijn ogen betekent
dat oppositie tegen een vrijhandelsakkoord met Noord-Amerika.
Maar voorlopig wordt dat geplande akkoord gesteund door
29 van de 34 landen die bij de besprekingen betrokken zijn.
Tijdens de top van de Amerika's die eerder
deze maand in Argentinië werd gehouden, nam het gastland
samen met Brazilië, Paraguay, Uruguay en Venezuela
stelling tegen de FTAA. De regeringen van deze landen variëren
van centristisch tot links. Argentinië, Brazilië,
Paraguay en Uruguay zijn partners in het Latijns-Amerikaanse
handelsblok Mercosur.
De afgelopen tien jaar vonden in Latijns-Amerika
en het Caribische gebied grote politieke verschuivingen
plaats, inclusief de verkiezing van een aantal linkse regeringen.
In dezelfde periode moesten negen presidenten voortijdig
opstappen, meestal als gevolg van corruptieschandalen in
combinatie met een economische crisis.
Ondanks alle veranderingen blijft er echter
ook veel hetzelfde volgens Latinobarometro, een marktonderzoeksbureau
uit Chili. Uit het meest recente onderzoek dat dit jaar
werd gehouden, blijkt dat in de hele regio de steun voor
democratie hoog blijft, hoewel de tevredenheid over het
functioneren van die democratie laag is. Voor de problemen
die volgens de Latijns-Amerikaans kiezers prioriteit moeten
krijgen, kwam een oplossing niet dichterbij.
Aan de andere kant steeg het vertrouwen
in de regeringen van gemiddeld 36 procent in 2002 naar 50
procent dit jaar. "Van nieuwe regeringen wordt ongeacht
hun politieke kleur, verwacht dat ze de democratie versterken
en tegemoet komen aan de wensen van het volk, dat steeds
hogere eisen stelt", zegt Andrade. Wie worden volgens
de opiniepeilingen de toekomstige Latijns-Amerikaanse leiders?
In Chili wordt de socialistische president Ricardo Lagos
waarschijnlijk opgevolgd door Michelle Bachelet, kandidaat
van de regerende centrumlinkse Coalitie voor Democratie
die het land al sinds 1990 bestuurt. De kans is echter groot
dat zij geen absolute meerderheid haalt in de eerste ronde,
wat betekent dat ze het in de beslissende ronde moet opnemen
tegen een van de rechtse kandidaten.
In Bolivia ligt de inheemse leider Evo
Morales een bewonderaar van Chávez en de Cubaanse
president Fidel Castro, het beste in de peilingen. Hij wordt
op de hielen gevolgd door Jorge Quiroga, een centrumrechtse
kandidaat die tussen 2001 en 2002 de macht overnam van Hugo
Banzer, die ontslag nam om gezondheidsredenen en korte tijd
later overleed. Als geen van beide kandidaten meer dan 50
procent van de stemmen haalt, dan kiest het Congres de president.
Haïti telt 35 presidentskandidaten
en er is nog geen duidelijke indicatie wie de meeste kans
maakt te winnen. Het land wordt nog steeds geteisterd door
geweld, ondanks de aanwezigheid van een VN-vredesmacht sinds
de zomer van 2004. Haïti is een van de armste en als
het om zijn democratische instituten gaat, meest kwetsbare
landen in de regio. In februari 2004 werd de democratisch
gekozen president Jean-Bertrand Aristide met goedkeuring
van de VS afgezet.
Over andere Latijns-Amerikaanse landen
waar het komende jaar verkiezingen worden gehouden, is het
moeilijk om nu al betrouwbare voorspellingen te doen. Wel
kan op grond van de huidige situatie een indicatie worden
gegeven. In Costa Rica is de centrumlinkse kandidaat Oscar
Arias (van 1986 tot 1990 als eens president) favoriet. In
Peru doet Lourdes Flores van de conservatieve Nationale
Eenheid Partij het goed. Zij wordt gevolgd door oud-president
Alberto Fujimori (1990-2000), hoewel die juridisch gezien
niet mee mag doen aan de verkiezingen. Fujimori zit momenteel
gevangen in Chili, waar hij wacht op uitlevering aan Peru
op beschuldiging van corruptie en mensenrechtenschendingen.
In Colombia heeft de rechts president Alvaro Uribe de beste
papieren, in Mexico ligt de linkse kandidaat Manuel López
Obrador iets voor op Felipe Calderón van de regerende
conservatieve Nationale Actie Partij.
In Brazilië wijzen de laatste
peilingen op een nederlaag voor de linkse president Luiz
Inácio Lula da Silva. Zijn regering wordt al een
tijd geplaagd door corruptieschandalen en Lula lijkt daardoor
kiezers te verliezen aan sociaaldemocraat Serra, momenteel
burgemeester van Sao Paulo. Serra werd tijdens de verkiezingen
van 2002 verslagen door Lula. In Nicaragua groeit de sympathie
voor het linkse Sandinistische Nationale Bevrijdingsfront
en in Ecuador, dat sinds eind jaren negentig geteisterd
wordt door institutionele crises, is nog geen zicht op de
verkiezingsuitkomsten. De
opiniepeilingen in Venezuela geven aan dat de huidige president,
Hugo Chávez, makkelijk zal worden herkozen.
(IPS)
|