|
Inwoners Fallujah zitten zonder water,
stroom en geld
SAN FRANCISCO, 25 november 2005 - Een
jaar nadat de Verenigde Staten met Operatie Phantom Fury
36.000 huizen, 60 scholen en 65 moskeeën vernietigden
in het Iraakse Fallujah, valt het de inwoners van de stad
zwaar hun leven weer op te pakken. De beloofde compensatie
blijft uit, de wederopbouw vordert traag en er breken ziekten
uit.
Het Studiecentrum voor Mensenrechten en
Democratie (SCHRD) in Fallujah schat dat tijdens de door
de VS geleide operatie in oktober en november 2004 tussen
4.000 en 6.000 mensen omkwamen. De meeste slachtoffers vielen
onder burgers. Aan de rand van Fallujah werden duizenden
mensen begraven in massagraven.
Vorige week gaf het Pentagon toe dat bij
de slag om Fallujah witte fosfor is gebruikt tegen de opstandelingen.
Washington ontkent dat ook burgers slachtoffer zijn geworden
van de fosforbommen. In een internationale conventie wordt
het gebruik van fosfor tegen burgers verboden. Fosfor veroorzaakt
bij contact met de huid zeer ernstige brandwonden, maar
het wordt door de VS niet beschouwd als chemisch wapen.
Aan de burgerslachtoffers van de aanval
op Fallujah is een schadevergoeding beloofd door Iyad Allawi,
die tijdens de operatie interim-premier van Irak was. Veel
van die vergoedingen zijn echter nog steeds niet uitbetaald.
"De mensen hebben slechts 20 procent van wat beloofd
is, betaald gekregen", zegt Mohamad Tareq al-Deraji,
inwoner van Fallujah en woordvoerder van het stadsbestuur.
Volgens Deraji heeft de huidige premier,
Ibrahim al-Jaafari, ingestemd met betaling van verdere compensatiebedragen
nadat hij onder druk was gezet door de Amerikaanse ambassade.
"Desondanks zijn alle betalingen gestopt", zegt
hij. Deraji, die ook mede-directeur is van het SCHRD, schat
dat meer dan 150.000 van de 350.000 inwoners van de stad
nog steeds leven als daklozen als gevolg van geldgebrek
en trage wederopbouw. Onder hen zou de woede over de situatie
toenemen.
"Ik was kort geleden in Fallujah,
en ik heb nergens iets gezien wat op wederopbouw wees",
zegt Rana Aiouby, een freelance journalist in Bagdad. "Sommige
mensen zijn zelf bezig hun huizen op te bouwen, maar er
leven nog steeds veel vluchtelingen buiten de stad."
Aiouby, die vaak in Fallujah is geweest, zegt dat ze pas
in april van dit jaar voor het eerst het district Shuhada
mocht bezoeken. Voor die tijd werd ze tegengehouden door
Amerikaanse militairen. "Shuhada is het armste district
in Fallujah. Ongeveer 95 procent van de wijk is vernield."
Zowel Deraji als Aiouby zeggen dat de energievoorziening
ongeregeld is en dat de stad dagelijks toneel is van gevechten
en aanslagen.
Er zijn zoveel scholen vernield
of nog steeds bezet door Amerikanen, dat we onze kinderen
les moeten geven in tenten. Of we houden ze thuis, uit angst
voor het geweld", zegt Abu Mohammed (30), een inwoner
van Fallujah, via de telefoon. Volgens de vader van vijf
kinderen zijn talloze inwoners ziek van het drinken van
vervuild kraantjeswater. Anderen worden ziek door het gebrek
aan elektriciteit in combinatie met de lage temperaturen.
Nu de winter is begonnen in Irak, kan de temperatuur 's
nachts dalen tot zo'n 10 graden onder nul.
Deraji zegt dat onder de inwoners van
Fallujah ook veel "nieuwe ziekten" zijn geconstateerd.
"Bij kinderen en bewoners die tijdens de aanval in
de stad zijn gebleven, wordt nu vaker kanker ontdekt. Misschien
zijn er zoveel mensen ziek omdat ze hebben blootgestaan
aan te hoge doses straling of andere schadelijke stoffen
tijdens operatie Phantom Fury."
Hulp aan de inwoners wordt bemoeilijkt
doordat de ziekenhuizen in de stad nog steeds niet op volle
kracht werken. "Er wordt wel iets gedaan aan herstel
van de ziekenhuizen, maar het gaat erg langzaam", zeg
Deraji.
Mohammed Khadem, een 55-jarige ingenieur
uit Fallujah, is boos over de controles door Amerikaanse
militairen. "Bij sommige inwoners worden nog steeds
vingerafdrukken en irisscans gemaakt als ze de stad in willen.
Daardoor zijn de rijen bij de checkpoints soms erg lang."
Khadem vertelt dat veiligheid een groot probleem is in de
stad. "Er zijn periodes dat er bijna elke dag wordt
gevochten." Deraji beklaagt zich over het feit dat
de Amerikanen niet genoeg doen om een Iraakse politiemacht
te creëren. "Er mogen maar tweehonderd Iraakse
politieagenten in Fallujah werken en dat is niet genoeg."
Niet-gouvernementele organisaties in de stad zeggen dat
de inwoners ontevreden zijn over de leden van het Iraakse
Leger, die samenwerken met de Amerikanen.
Fallujah is grotendeels soennitisch,
terwijl het Iraakse leger in de stad voornamelijk bestaat
uit leden van de Shia Badr-militie en de Koerdische Peshmerga-militie.
De inwoners van de stad maken vaak melding van vernederende
en wrede behandeling door de militairen. "De Iraakse
militairen die met de Amerikanen samenwerken zijn nogal
schietgraag en ze arresteren vaak mensen. Ze gedragen zich
alsof ze in een cowboyfilm meespelen", aldus Deraji.
(IPS)
|