|
Clusterbommen op burgerdoelen in Irak
en Libanon
NEW YORK, 14 november 2006 - VN-lidstaten
ratificeerden deze week een protocol dat landen verplicht
meer te ondernemen om achtergebleven explosieven na conflicten
op te ruimen. Volgens ngo's laat de afspraak landen te veel
ruimte.
Als een conflict voorbij is of als een
staakt-het-vuren wordt bereikt, betekent dat niet dat er
ook geen slachtoffers meer vallen. De vechtende partijen
laten meestal talloze explosieven achter, inclusief dodelijke
clusterbommen, booby traps, en antipersoonsmijnen.
Als gevolg van de oorlog in Zuid-Libanon
zouden volgens de Verenigde Naties nog meer dan een miljoen
stukken explosief materiaal in het gebied liggen. Het aantal
dodelijke slachtoffers van clustermunitie staat drie maanden
na het conflict op 22, waaronder zes kinderen. Er vielen
134 slachtoffers door ander explosief materiaal.
"Oorlogen eindigen niet altijd met
het laatste geweerschot of het tekenen van een vredesakkoord",
zei secretaris-generaal Kofi Annan in een reactie op het
nieuwe internationale akkoord over achtergebleven explosieven.
"Sommige explosieve restanten blijven decennialang
liggen. Ze vormen een bedreiging voor burgers en militairen,
belemmeren hulpverlening, vredesmissies, wederopbouw en
ontwikkeling."
De overeenkomst, het Protocol V inzake
Explosieve Overblijfselen van de Oorlog, vraagt lidstaten
om betere maatregelen te nemen om niet-geëxplodeerde
munitie zo snel mogelijk na het einde van de vijandigheden
op te sporen, te verwijderen of vernietigen.
Steve Goose, directeur van de Wapendivisie
van Human Rights Watch, is sceptisch. Het protocol, dat
in feite een amendement is van het bestaande Verdrag over
Conventionele Wapens, zou meer nadruk moeten leggen op de
noodzaak om alle dodelijke rommel op te ruimen, zegt hij.
"Omdat de tekst zo zwak is, hangt het succes van het
protocol af van de agressieve of grondige implementatie
ervan door regeringen."
Het protocol werd in november 2003 aangenomen,
maar het werd zondag pas onderdeel van de internationale
wetgeving, nadat het de ratificatie van minimaal twintig
landen kreeg.
Annan zei dat de inwerkingtreding van
het protocol geen doel op zichzelf is, maar het begin van
een reeks maatregelen: "Ik doe een beroep op de staten
die dit instrument nog niet omarmd hebben, om dat alsnog
te doen. Er hangen miljoenen mensenlevens vanaf.
Max Gaylard, directeur van de Mine Action
Service van de VN, zegt dat het protocol landen en partijen
in gewapende conflicten oproept om humanitaire organisaties
informatie te verschaffen over de locaties waar de explosieven
zich bevinden. "Daar is iedereen binnen de VN blij
mee", zegt Gaylard.
Jan Egeland, ondersecretaris-generaal
van van de VN voor Humanitaire Zaken, pleitte vorige maand
voor een moratorium op het gebruik van clusterbommen. Die
wapens zijn volgens hem "immoreel". "Het
bevriezen van het gebruik van clustermunitie is essentieel,
zolang de internationale gemeenschap nog geen effectieve
juridische instrumenten heeft die zich richten op de humanitaire
gevolgen van het gebruik ervan", zei Egeland.
Amnesty International, dat eveneens oproept
tot een moratorium op het gebruik van clusterbommen, zegt
dat zowel Britse als Amerikaanse militairen deze dodelijke
wapens gebruiken in Irak. Volgens de mensenrechtenorganisatie
is het gebruik van dergelijke bommen op burgerdoelen "een
grove schending van de internationale humanitaire wetgeving."
Momenteel discussiëren landen
in Genève over de regulatie van het gebruik van clusterbommen.
De Third Review Conference on the Convention on Conventional
Weapons in Genève duurt nog tot en met vrijdag. (IPS,
Thalif Deen)
|