|
Topdiplomaten adviseren Obama "open
diplomatie" met Iran
WASHINGTON, 17 november 2008 - Wanneer
Barack Obama het Witte Huis betreedt, moet hij de strategie
van dreigementen en provocaties aan het adres van Teheran
onmiddellijk stopzetten wegens contraproductief.
Dat staat in een rapport dat vrijdag (14 november) werd
gepubliceerd door een groep van twintig voormalige Amerikaanse
diplomaten en experts uit de regio.
De groep roept de nieuwe regering op tot
het openen van de deur naar directe, onvoorwaardelijke
en brede onderhandelingen op het hoogste diplomatieke niveau,
naast officieuze uitwisselingen en contacten. Ondanks
de verhitte toon van de media is de nationale veiligheid
van de VS op dit punt veel meer gebaat bij volgehouden contacten
dan bij dreigementen en een escalatie naar oorlog.
Obama heeft tijdens zijn campagne verschillende
keren verklaard dat de Iraanse ontwikkeling van nucleaire
wapens onaanvaardbaar is en dat hij een militaire
oplossing nooit zou uitsluiten. Als senator was hij een
voorvechter van strengere economische sancties tegen Teheran.
Tegelijk heeft hij tijdens zijn campagne steeds benadrukt
dat hij Teheran diplomatiek en zonder voorwaarden tegemoet
zou treden, zelfs op presidentieel niveau.
Het rapport van de experts argumenteert
dat sancties of een militaire oplossing contraproductief
zullen blijven. De VS hebben meer dan twintig jaar
geprobeerd Iran te controleren door isolatie, dreigementen
en sancties. In die tijd is geen enkel probleem opgelost
en zijn de meeste problemen erger geworden.
De dreigementen maken geen indruk
op Iran en het huidige regime in Teheran vormt geen dreigend
gevaar, gaat het rapport verder. De Verenigde
Staten moeten de provocaties stopzetten en een langetermijnvisie
hanteren, net zoals ze gedaan hebben met de Sovjet-Unie
en China.
Nucleair programma en Israël
Terwijl Teherans nucleaire programma een
zaak van grote bezorgdheid blijft, is het onduidelijk
wat de Iraniërs precies willen aanvangen met kernwapens:
het zou een kwestie van nationale trots kunnen zijn, of
wisselmunt in onderhandelingen, of een afschrikking tegen
de VS en Israël. In verband met het nucleaire programma
van Teheran zegt het rapport dat het gerechtvaardigd
is te dreigen met strengere sancties indien de onderhandelingen
zouden vastlopen.
De kwestie zou echter moeten aangekaart
worden als onderdeel van een groot diplomatiek offensief
waarbij beide partijen geloofwaardige veiligheidsafspraken
maken en beloftes doen, zoals het verlichten van de sancties
als antwoord op positieve beleidswijzigingen in Teheran.
Het rapport vermeldt verder dat een toenadering
Arabisch-Israëlische kwesties zou helpen oplossen,
gezien Irans invloed op het Palestijnse Hamas en de Libanese
Hezbollah.
Volgens de experts is het Iraanse buitenlands beleid strikt
pragmatisch. Voorbeelden als de geheime wapenhandel
met Israël en de actieve steun aan de VS in Afghanistan
tonen dat aan. Irans recente geschiedenis maakt duidelijk
dat nationaal zelfbehoud en regionale interesses de belangrijkste
drijfveren van het Iraanse buitenlands beleid zijn. Niet
de zoektocht naar martelaarschap in dienst van de islam,
klinkt het.
Het rapport citeert verklaringen van de
hoogste geestelijke leider, Ali Khamenei, die het pragmatisme
van Iran verder aantonen. Khamenei stelt bijvoorbeeld dat
Iran geen aanval zal uitvoeren op Israël als Iran niet
eerst wordt aangevallen. Een ander citaat: de dag
dat relaties met de VS voordelig zullen blijken voor Iran,
zal ik de eerste zijn om hiervoor mijn goedkeuring te geven.
Diplomatiek eigenbelang
Het rapport is het resultaat van verschillende
maanden studie en discussie. Het verschijnt in een periode
waarin steeds meer geruchten de ronde doen dat de regering-Bush
tijdens haar laatste twee maanden werk zal maken van een
nieuwe diplomatieke vertegenwoordiging in Teheran. Die zou
de fundamenten moeten leggen voor de directe onderhandelingen
die Obama tijdens de afgelopen presidentscampagne beloofde.
Ondertussen maken Amerikaanse topdiplomaten
zich op voor de strijd om de nieuwe sleutelposities in het
Midden-Oosten. Dennis Ross, de medevoorzitter van de raad
van experts die afgelopen vrijdag het rapport publiceerde,
is gebrand op een benoeming als speciale gezant voor Iran
en de regio. Ross leidde de vredesgesprekken tussen Israëli's
en Palestijnen onder Clinton. Hij geniet de steun van de
zogenaamde Israel Lobby.
Ross was ook mede-oprichter van Verenigd
tegen Nucleair Iran. Hij ondertekende een recente
verklaring opgesteld door prominente neoconservatieven die
stelt dat afschrikking niet werkt tegen een nucleair Iran
wegens de extremistische ideologie van de islamitische
republiek. In de verklaring werd verder vermeld dat
een nieuwe president vanaf zijn eerste dag zou moeten duidelijk
maken dat hij Iran militair zou aanvallen indien het land
niet onmiddellijk ophoudt met de verrijking van uranium.
De andere voorzitter van de raad
is James Dobbins, speciaal gezant voor Afghanistan en momenteel
directeur van het Internationaal Veiligheidsprogramma van
de RAND Corporation. Dobbins heeft zich verschillende keren
lovend uitgelaten over de samenwerking van Iran met de VS
in het verdrijven van de taliban uit Afghanistan en Irans
hulp bij het opzetten van de regering-Karzai in Kaboel.
(Jim Lobe, IPS)
|