|
'Europa negeert onderzoek naar tuberculose'
BRUSSEL, 14 november 2008 - De steun
van de Europese Unie aan onderzoek naar tuberculose is maar
een vijfde van wat het zou moeten zijn, zegt een nieuwe
studie van Artsen zonder Grenzen.
Tuberculose (TB) kost jaarlijks aan 1,7
miljoen mensen het leven. Gezondheidsexperts schatten dat
er elk jaar 1,45 miljard euro uitgegeven moet worden om
de ziekte in te dijken. In 2007 spendeerde de Europese Unie
er volgens Artsen zonder Grenzen (AzG) echter amper 19 miljoen
euro aan, terwijl ze minstens 101 miljoen euro zou moeten
uitgeven om haar deel van het werk te doen.
Spring Gombe, de auteur van de AzG-studie,
noemt de bijdrage van de EU beschamend laag
aangezien de Unie goed is voor 31 procent van het bruto
globaal product en een aantal van de sterkste economieën
ter wereld verenigt.
In veel westerse landen wordt tuberculose
geassocieerd met het verleden, maar uit cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie
(WHO) blijkt dat er elk jaar negen miljoen nieuwe gevallen
opduiken. Bovendien krijgt TB nieuwe gezichten volgens Gombe
en sluipt de ziekte stilaan weer Europa binnen, met name
via de Baltische staten.
Het rapport roept de EU op om minstens
409 miljoen euro per jaar aan het onderzoek naar nieuwe
medicijnen te besteden. AzG klaagt ook het feit aan dat
geen enkele steun van de Commissie erop gericht is om goedkope
middelen te ontwikkelen die de ziekte opsporen, hoewel een
groot deel van de medische gemeenschap daartoe oproept.
Het gebrek aan geld voor TB-diagnose
zorgt ervoor dat, hoe goed nieuwe geneesmiddelen ook zullen
zijn, het een verloren zaak is, want we zullen gewoon niet
weten of iemand tuberculose heeft of niet, zegt Gombe.
Volgens haar collega, Tido von Schoen-Angerer, is de epidemie
bovendien snel erger aan het worden, met name in Afrika.
Het onderliggende probleem is dat nieuwe varianten van de
ziekte resistent geworden zijn voor verschillende geneesmiddelen.
Volgens Von Schoen-Angerer moeten dringend
nieuwe middelen ontwikkeld worden, omdat mensen die besmet
zijn met een resistente variant anders niet meer geholpen
kunnen worden. Hij pleit voor publieke middelen voor nieuw
onderzoek, omdat medische firmas weigerachtig staan
tegenover investeringen in geneesmiddelen voor armen waar
ze weinig winst uit kunnen halen.
Geld uit ander onderzoek?
De Europese Commissie zelf vindt het wat
ongelukkig dat AzG data uit 2007 geanalyseerd heeft,
omdat dat het eerste jaar was van een zevenjarig programma
van wetenschappelijk onderzoek. Er was volgens de Commissie
20 miljoen euro voorzien voor het onderzoek, maar er was
geen tijd om het hele bedrag nog in 2007 te
besteden. Een deel van het geld is dit jaar uitgegeven,
onder meer aan diagnose, aldus Hannu Laang van de Commissie.
Het kan volgens Laang wel mogelijk zijn
om de steun voor TB-onderzoek te verhogen. Er is altijd
de mogelijkheid om geld te onttrekken aan ander onderzoek,
bijvoorbeeld naar kanker of diabetes, zegt hij. Maar
dat is een zeer gevoelig onderwerp.
Carl Schlyter, europarlementslid voor
de Zweedse groene partij, vindt dat larie. Er is meer dan
genoeg geld in het onderzoeksbudget van de EU, zegt hij,
alleen gaat de helft van dat bedrag naar nucleair onderzoek.
Volgens Stewart Cole, professor aan het Global
Health Institute in Genève, mogen regeringen
van rijke landen de huidige financiële crisis niet
aangrijpen om de steun voor TB-onderzoek te verminderen.
Elke economische crisis wordt
gevolgd door een toename van TB, zegt hij. Armoede
is de echte drijvende kracht achter de ziekte. Het is nu
niet het moment om de steun terug te schroeven, integendeel.
We eisen een hoger budget. (David
Cronin, IPS)
|