|
'VS kijken weg van geweld tegen vrouwen
in Irak'
NEW YORK, 8 maart 2007 - Sinds de Amerikaanse
invasie in 2003 zijn vrouwen het doelwit van systematisch
geweld in Irak. De VS hebben nooit echt iets ondernomen
tegen die golf van moorden en verkrachtingen, zegt de internationale
vrouwenorganisatie Madre. En binnen en buiten Irak hebben
de pers en de vredesbeweging te weinig aandacht voor het
probleem, klaagt Madre.
Iraakse milities en boeven ontvoeren,
verkrachten en vermoorden vrouwen. Geregeld worden er ook
vrouwen bedreigd en afgeranseld. Voor vrouwelijke gevangenen
dreigen folteringen, schrijft de auteur van een rapport
van Madre over geweld tegen Iraakse vrouwen sinds 2003.
Veel geweld tegen Iraakse vrouwen gaat
uit van de islamisten die de touwtjes in handen kregen door
de omverwerping van het seculiere Baath-regime. Volgens
het rapport is de onderwerping van de vrouw een topprioriteit
van de Iraakse islamisten. En net als in Iran, Algerije
en Afghanistan was de geweldcampagne tegen vrouwen het eerste
offensief in de campagne om tot een theocratische staat
te komen. De VN en internationale mensenrechtenorganisaties
als Amnesty International stelden vast dat het geweld tegen
vrouwen al enkele weken na de Amerikaanse invasie in 2003
losbrak.
De Amerikaanse bezetters ondernemen niets
om dat geweld in te dammen, stelt Yifat Susskind, directeur
Communicatie van Madre en de auteur van het rapport. "De
Amerikaanse regering weigert de rechten van vrouwen in Irak
te beschermen, in tegenstelling met wat ze beweert en ondanks
de voorschriften van de conventies van Den Haag en Genève.
Ze heeft de vrouwenrechten bewust opgeofferd in ruil voor
samenwerking van de kant van de islamisten die ze aan de
macht heeft gebracht."
Het geweld in Irak treft veel burgers
en daardoor vallen er ook veel slachtoffers onder vrouwen.
"Maar vrouwen worden ook steeds vaker het mikpunt van
geweld omdat ze vrouw zijn", zegt Houzan Mahmoud van
de Organisatie voor de Vrijheid van Vrouwen in Irak. "En
dat geldt vooral voor vrouwen waarvan de aanvallers de indruk
hebben dat ze hun politieke ambities in de weg staan."
Mahmoud komt op voor de rechten van vrouwen
in Irak en helpt vrouwelijke slachtoffers van geweld. Dat
was genoeg om de islamistische groep Ansar al-Islam een
religieus doodvonnis over haar te doen uitspreken.
Tot 2003 was Irak een dictatuur. Het regime
pakte politieke tegenstanders ongenadig aan. "Maar
voor de vrouwen was er wel veiligheid, ze konden gaan werken
en gaan en staan waar ze wilden", zegt Mahmoud. "De
bescherming die vrouwen toen genoten, is nu helemaal verdwenen."
Net als Madre gelooft Mahmoud dat het geweld tegen vrouwen
zo sterk om zich heen kon grijpen omdat de Amerikaanse troepen
niets ondernamen om het in de kiem te smoren.
Naast vrouwen nemen de islamisten sinds
2004 ook kunstenaars, intellectuelen, etnische en religieuze
minderheden en homoseksuelen op de korrel. "Vandaag
is er een echte heksenjacht aan de gang op homo's en lesbiennes",
zegt Susskind. Iedereen die niet aan de idealen van de islamisten
beantwoordt, loopt gevaar.
Maar vrouwen blijven het belangrijkste
mikpunt. Verkrachtingen zijn een veelgebruikt wapen geworden
in de oorlog tussen soennitische en sjiitische milities.
Milities nemen wraak door vrouwen van de andere groep te
verkrachten. Ook vrouwen uit de christelijke gemeenschappen
worden verkracht, als onderdeel van een bredere campagne
tegen die kleine geloofsgroep.
Weer komt de verantwoordelijkheid van
de VS om de hoek kijken. Het meeste geweld tegen vrouwen
gaat volgens Susskind uit van de Badr-brigade en het Mahdi-leger,
twee sjiitische milities die nauwe banden hebben met de
Iraakse regering. En die regering geniet de steun van de
VS.
Madre betreurt dat de media en de
vredesbeweging weinig aandacht hebben voor het verband en
de wisselwerking tussen het geweld tegen vrouwen en de burgeroorlog
in Irak. Volgens het rapport van de vrouwengroep liggen
omstreden passages uit de nieuwe Iraakse grondwet zowel
aan de basis van de voortdurende discriminatie van vrouwen
als van het geweld tussen soennieten en sjiieten. De grondwet
laat op sommige vlaken een verschillende behandeling van
mannen en vrouwen en van leden van verschillende geloofsgroepen
toe. (IPS, Mithre J. Sandrasagra)
|