|
Mattheuseffect speelt volop in tsunamilanden
Door Thalif Deen
NEW YORK, 8 juni 2005 - De kampen voor
tsunamivluchtelingen in Azië zijn overbevolkt en onveilig.
In India, Indonesië en Sri Lanka bezondigt de overheid
zich aan favoritisme en corruptie bij de verdeling van de
hulp, zeggen Amerikaanse onderzoekers.
Ondanks de massale toevloed van
hulp is de situatie voor veel overlevenden van de tsunami
er sinds een half jaar niet op vooruit gegaan. Dat is de
conclusie van 'After the Tsunami', een rapport van de universiteit
van California, het Berkeley
Human Rights Centre en andere
onderzoekers. "In alle landen die we onderzochten,
zorgt de overbevolking in de tijdelijke onderkomens voor
problemen als seksueel geweld, alcoholmisbruik en fysiek
geweld", zeggen de onderzoekers. "Het leven is
er mensonwaardig."
Op de Malediven wonen de mensen die hun
huis verloren nu in kampen die erg onveilig zijn. Vrouwen
en kinderen zijn er het slachtoffers van aanvallen door
druggebruikers, melden de onderzoekers. Kinderen op Sri
Lanka riskeren gerekruteerd of ontvoerd te worden door de
Tamil Tijgers, de rebellengroep die vecht voor autonomie
voor de Tamilminderheid op het eiland. De onderzoekers melden
dat de Tijgers kindsoldaten zoeken in de kampen.
De noodhulp in India, Indonesië,
Sri Lanka, Thailand en de Malediven illustreert vaak het
Mattheuseffect: wie heeft, zal gegeven worden. In Sri Lanka
is de reconstructie geografisch zeer ongelijk verdeeld,
afhankelijk van het politieke gewicht van de plaats. Op
de Malediven verschilt de hulp aan de overlevenden sterk
van eiland tot eiland. De inspanningen hangen af van de
grillen van de chefs op de eilandengroep. In Thailand blijven
Birmese vluchtelingen verstoken van hulp. Omdat ze geen
papieren hebben, vrezen de migranten dat de Thaise overheid
hen zal arresteren in plaats van te helpen.
De verdeling van de hulp blijft vaak achterwege
of gebeurt op discriminerende wijze omwille van corruptie,
favoritisme en een slecht management. "In elk land
verdelen zowel de overheid als de ngo's de hulp erg ongelijk."
In Sri Lanka, India en Thailand troffen de onderzoekers
streken aan waar de vissers in het ene dorp geld kregen
om hun boten te herstellen, terwijl hun collega's een dorp
verderop geen hulp kregen. Dat zorgt voor grote onvrede
en soms geweld.
Ook de mensenrechtengroep Human
Rights Watch vindt dat het
behoorlijk fout loopt bij de verdeling van de hulp. Met
name in India, Sri Lanka en Indonesië blijven de meest
kwetsbare groepen verstoken van hulp, zo schreef HRW onlangs
in een brief aan Bill Clinton, de speciale gezant van de
VN voor de heropbouw na de tsunami. "De machthebbers
proberen profijt te trekken uit de hulp ten koste van de
zwakste groepen", zegt Brad Adams, de directeur van
de Aziatische afdeling van HRW. "In India trekken de
hogere kasten en de projectontwikkelaars profijt uit de
hulp. In Indonesië zijn het de gewapende groepen en
het leger die er hun voordeel mee doen." (IPS)
|