|
Bob Geldof en Bono uit de gratie bij
actievoerders
Door Sanjay Suri.
GLENEAGLES, 10 juli 2005 - De extra hulp
voor Afrika die vrijdag is beloofd door de leiders van de
G8, de belangrijkste industrielanden in de wereld, lijkt
buiten Groot-Brittannië door slechts twee mensen enthousiast
te zijn verwelkomd: de popsterren Bono en Bob Geldof. Hun
enthousiasme vond weinig weerklank bij actievoerders van
de internationale campagne "Make Poverty History".
De leiders van de G8 spraken vrijdag in
het Schotse Gleneagles af de hulp aan Afrika met 25 miljard
dollar (20,9 miljoen euro) per jaar te verdubbelen in uiterlijk
2010. "Nooit eerder hebben zoveel mensen samen een
verandering van beleid afgedwongen. Niemand had acht weken
geleden verwacht dat de hulp aan Afrika verdubbeld zou worden
en dat er een overeenkomst over de kwijtschelding van schulden
zou komen", zei Geldof in een reactie. De voormalige
zanger van de Boomtown Rats en organisator van het Live8
concert dat vorige week zaterdag alle G8-landen werd gehouden,
sprak van "een grote dag". De wereld heeft gesproken
en de politici hebben geluisterd, zei Bono, voorman van
de Ierse rockband U2.
Anti-armoede groeperingen waren minder
opgetogen en ook uit Afrika kwamen geen feestelijke berichten.
En het lijkt erop dat de critici het gelijk aan hun kan
hebben, want veel van de "extra" hulp is niet
veel meer dan wat toch al in de pijpleiding zat. Amerika
herhaalde vooral oude toezeggingen, zoals 5 miljard dollar
voor het eigen ontwikkelingsprogramma Millennium Challenge
Account en 15 miljard dollar voor aids-bestrijding. De extra
toezegging betrof 1,2 miljard dollar voor de bestrijding
van malaria.
De reactie van Geldof op de verklaring
van de G8 is "misleidend en inaccuraat", meent
Peter Hardstaff van de World Development Movement. "Met
zijn ongerechtvaardigde lof voor een treurige overeenkomst
van de wereldleiders bewijst hij een slechte dienst aan
de honderdduizenden mensen die vorige week in Edinburgh
gedemonstreerd hebben", zegt hij. Hardstaff zegt dat
Geldofs opmerkingen "geen weerspiegeling zijn van de
gezamenlijke conclusies van de groeperingen die meedoen
aan de campagne Make Poverty History. "Bob Geldof is
de politiek te dicht genaderd om nog objectief te kunnen
beoordelen wat op deze top is bereikt."
De privatiseringseis die gekoppeld is
aan de hulp aan Afrika, werkt vooral in het voordeel van
de Verenigde Staten en Europa, zegt Hardstaff. "Als
het gaat om internationale handel, dan vragen de G8-landen
niet zozeer af wat zij voor de armen kunnen betekenen, maar
wat de armen voor hen kunnen betekenen."
"Geldof is misschien tevreden met
de kruimels van de tafel van zijn politieke vrienden. Maar
wij zijn niet naar Gleneagles gekomen als bedelaars. We
zijn gekomen voor een rechtvaardig beleid voor de armen
in de wereld", aldus John Hilary, campagnedirecteur
van War on Wants. "Het is op zichzelf prima dat Geldof
blij is met de successen die behaald zijn op de top en met
de 10 miljoen levens die volgens hem gered worden als gevolg
van de afspraken. Maar hoe staat het met de 2 miljard mensen
die nog in armoede blijven leven als gevolg van de politiek
van de G8? Hebben wij hen niets te bieden?"
Ondanks de aangekondigde verdubbeling,
blijven alle G8-landen nog steeds minder dan 0,7 procent
van hun bruto binnenlands product (bbp) uitgeven aan ontwikkelingshulp.
Het bedrag van 0,7 procent van het bbp werd jaren geleden
vastgesteld als streefbedrag. Alleen Groot-Brittannië
heeft verklaard de hulp niet te zullen koppelen aan voorwaarden
als liberalisering van de markt en privatisering. Details
over andere voorwaarden en het type hulp, ontbraken in de
slotverklaring van de G8. In de verklaring werd ook met
geen woord gerept over de landbouwsubsidies van de Europese
Unie en Amerika, die het voor ontwikkelingslanden onmogelijk
maken om te concurreren op de wereldmarkt. (IPS)
|