|
'VN-Veiligheidsraad is hypocriet over
kernwapens'
NEW YORK, 1 juni 2007 - De vijf permanente
leden van de VN-veiligheidsraad maken geen aanstalten om
hun eigen kernarsenalen af te bouwen. Dat verzwakt hun autoriteit
om de bouw van atoomwapens in andere landen tegen te gaan,
besluit een studie van drie vredesgroepen.
Uit niets blijkt dat de VS, Rusland, China,
Frankrijk en Groot-Brittannië, de vijf permanente leden
van de Veiligheidsraad en tegelijk de grootste kernmachten,
van plan zijn hun eigen voorraad van die massavernietigingswapens
af te bouwen, stelt de studie van de drie Amerikaanse vredesgroepen.
Dat houdt in dat de beslissingen van de Veiligheidsraad
over non-proliferatie van kernwapens automatisch verdacht
zijn in de ogen van een groot deel van de wereld.
De opdrachtgevers van het onderzoek waren
het Lawyers Committee on Nuclear Policy
(LCNP) uit New York, de Western States
Legal Foundation uit California en de Women's
International League for Peace and Freedom, nog een
organisatie uit New York.
Dat de permanente leden de eigen ontwapeningsverplichting
naast zich neerleggen, heeft hun "morele en politieke
autoriteit aangetast om de verspreiding van kernwapens aan
te pakken", vindt John Burroughs, de directeur van
de LCNP. Daarom kon de internationale gemeenschap niets
beginnen tegen kernproeven van India en Pakistan en lijkt
ze ook vrij machteloos tegenover Iran en Noord-Korea.
De afgelopen maanden heeft de V-raad resoluties
goedgekeurd die Noord-Korea en Iran moeten dwingen kernprogramma's
stil te leggen die kunnen bijdragen tot de aanmaak van kernwapens.
Beide landen verwezen bij hun verzet tegen de beslissing
van de Veiligheidsraad naar de grote kernarsenalen van de
permanente leden van de raad.
Het handvest van de Verenigde Naties geeft
de Veiligheidsraad uitgebreide bevoegdheden om landen aan
te zetten te ontwapenen en om te verhinderen dat ze kernwapens
in handen krijgen. Het machtigste orgaan van de VN kan daartoe
zelfs economische sancties afkondigen en militaire interventies
toestaan.
Volgens Burroughs is er nog altijd veel
steun voor de Veiligheidsraad, want "landen willen
een slagkrachtig politiek orgaan bovenaan de internationale
politieke structuur dat problemen kan helpen oplossen die
vrede en veiligheid bedreigen". Maar daarvoor moeten
de leden van de Veiligheidsraad zich dus wel zelf aan de
regels houden. De permanente leden zouden de autoriteit
van de raad ook kunnen opkrikken door het orgaan "representatiever
en transparanter te maken" en door ervoor te zorgen
dat de leden ook verantwoording moeten afleggen.
De Verenigde Staten krijgen extra veel
kritiek. Door het werk aan een nieuwe generatie van kernwapens
staat de regering van president George W. Bush er bijna
garant voor dat andere landen die weg ook gaan bewandelen,
oordeelt Natalie J. Goldring, een onderzoekster van het
Centre for Peace and Security Studies
in Washington. Ook dat de VS in instellingen als de Veiligheidsraad
eerder kiezen voor intimidatie dan voor overleg, schiet
experts in het verkeerde keelgat.
De auteurs van de studie vinden dat de
Veiligheidsraad minder op confrontatie moet inzetten in
de relaties met staten die ervan verdacht worden aan kernwapens
te werken. Waar mogelijk moeten zeker dreigementen rond
militaire acties achterwege worden gelaten. Flexibele onderhandelingstechnieken
kunnen meer resultaat opleveren.
De druk helemaal van de ketel laten is
ook niet goed. De meeste landen houden zich aan het internationale
verbod om kernwapentechnologie of hoogverrijkt uranium aan
te kopen, maar sommige landen gaan wel degelijk over de
schreef. Als Noord-Korea een permanente atoommacht wordt
of als Iran erin slaagt kernwapens te maken, kunnen nog
andere landen in die regio's proberen de stap te zetten,
schrijven de auteurs van de studie.
Sommige vredesorganisaties geloven
dat een grote internationale top over ontwapening tot een
doorbraak kan leiden. Misschien kunnen de permanente leden
van de Veiligheidsraad over de streep worden getrokken door
naast nucleaire ontwapening ook de proliferatiekwestie en
het gevaar dat kernmateriaal in de handen van terroristen
valt op de agenda te zetten, denkt Jennifer Nordstrom, projectbeheerder
van de Women's International
League for Peace and Freedom.
(IPS, Thalif Deen)
|