|
CIA wilde Cubaanse president Fidel Castro
laten vermoorden
Washington, 26 juni 2007 - De CIA heeft
dinsdag honderden rapporten over geheime en meestal illegale
operaties vrijgegeven. De documenten, die ongeveer 25 jaar
intern beleid blootleggen, verschaffen details over moordcomplotten
op Fidel Castro, het testen van drugs als LSD op burgers
zonder hun medeweten, het afluisteren van Amerikaanse journalisten
en het bespioneren van activisten.
De Amerikaanse inlichtingendienst benaderde
de maffia in de jaren zestig om de Cubaanse president Fidel
Castro te laten vermoorden. Dit moest gebeuren in een 'gangster-achtige
actie'.
De documenten staan bij de CIA bekend
als de 'familiejuwelen'. Honderden pagina's over onder meer
pogingen tot moord, spionage en ontvoeringen van de dienst
of uit naam van de dienst zijn onthuld voor de gewone burger.
De CIA werkte in het begin van de jaren
zestig samen met twee van de meest gezochte criminelen van
de Verenigde Staten om de moord op Castro te beramen. De
Amerikaanse regering mocht absoluut niets van deze operatie
afweten. Een van de twee gangsters dacht dat het gebruik
van wapens een probleem kon vormen en stelde daarom voor
een krachtige pil in Castro's eten of drinken te doen.
Uiteindelijk werden zes dodelijke pillen
gegeven aan een Cubaanse functionaris die in financiële
moeilijkheden verkeerde en die toegang had tot de Cubaanse
president. Na verscheidene mislukte pogingen werd hij bang
en trok zich terug. Een andere kandidaat heeft daarna ook
verscheidene keren geprobeerd, maar wederom zonder 'succes'.
CIA-documenten over testen LSD op burgers
De rapporten werden geschreven in opdracht
van CIA-chef James Schlesinger in 1973. Aanleiding voor
zijn opdracht om alle activiteiten van de CIA in kaart te
brengen die mogelijk illegaal waren, was Schlesingers woede
over de hulp die de CIA bood aan ex-CIA-agenten Howard Hunt
en James McCord, die waren veroordeeld voor de Watergate-inbraak;
het begin van het einde voor president Richard Nixon. Het
is de CIA verboden in eigen land te spioneren.
De organisatie het Nationale Veiligheidsarchief
had de documenten opgevraagd. "Dit zijn de belangrijkste
CIA-officieren die een confessie afleggen en zeggen: 'Vergeef
me Heer, want ik heb gezondigd.'" Aldus de directeur
van Het Veiligheidsarchief, Thomas Blanton. De CIA zelf
noemt de documenten 'de familiejuwelen'.
Journalist van de New York Times
Seymour Hersh was de eerste die, in 1974, het bestaan van
de documenten in het openbaar noemde. Hij schreef een artikel
over het bespioneren door de CIA van Amerikaanse Vietnam-activisten
en andere dissidenten. Van zo'n tienduizend mensen werden
dossiers aangelegd. (ANP/NRC/Novum/AP)
De documenten
http://www.foia.cia.gov/
Lees ook: Bedenkingen
van Fidel Castro
De Moordmachine
|