|
Oud-ministers hekelen voorlichting missie-Uruzgan
Den Haag, 8 juli 2006 - Het kabinet heeft
de Tweede Kamer en de bevolking onvoldoende voorbereid op
dodelijke slachtoffers die aan Nederlandse zijde kunnen
vallen tijdens de missie in het Afghaanse Uruzgan. Dat stellen
enkele oud-ministers, Hans van Mierlo (D66), Jan Pronk (PvdA)
en Frank de Grave (VVD) in de Volkskrant van zaterdag.
De voornaamste kritiek van de oud-bewindslieden
is dat het ministerie van Defensie aanvankelijk een te rooskleurig
beeld heeft geschetst over de risico's. "De missie
vindt plaats onder omstandigheden die grondig anders zijn
dan ten tijde van de beslissing", vindt Pronk. Volgens
Van Mierlo is de 'taal' die nu wordt gebruikt door het kabinet
'totaal anders dan in het begin'. "Van een militair
team dat zou gaan opbouwen en ook een defensieve capaciteit
had, is dat laatste gaan domineren. Door een verkeerde inschatting
van de situatie en misschien door een gebrekkige communicatie,
is er nu sprake van een heel andere missie dan men voor
ogen had."
In de krant zegt De Grave het gevoel te
hebben gekregen dat 'de samenleving rijp wordt gemaakt voor
lijkzakken'. De voormalige Chef-Defensiestaf Arie van der
Vlis denkt dat er niet veel slachtoffers nodig zijn om het
draagvlak van de operatie aan te tasten. "Ik verwacht
dat er bij tien doden consequenties zijn. Dan heeft de bevolking
het wel gehad."
Reactie Kamp
Om de woorden van Van Mierlo maakte minister
Henk Kamp (Defensie) zich zaterdagmorgen in het radioprogramma
TROS Kamerbreed niet zo druk, maar Pronk heeft het volgens
hem bij het verkeerde eind. "Het zou niet in mijn hoofd
opkomen om een verkeerde voorstelling van zaken te geven.
De analyse die naar de Kamer is gegaan is oprecht en juist."
Over de kritiek dat de opbouwmissie van
de Nederlanders toch een vechtmissie zou zijn, zei Kamp
dat dit onderscheid in Uruzgan niet zo werkt. "Als
het nodig is verdedigen wij ons en delen we van tevoren
een tik uit, maar we zijn daar niet om te vechten."
Politicus Uruzgan laakt coalitietroepen
KANDAHAR, 7 juli 2006 - Een afgevaardigde
uit de Afghaanse provincie Uruzgan heeft vrijdag kritiek
geuit op de buitenlandse troepen in het verscheurde land.
Volgens de parlementariër gedragen de militairen zich
niet goed. Ze zouden onveiligheid en geweld veroorzaken.
De politicus Abdul Khaliq beschuldigde
de coalitietroepen ervan een auto met zijn familieleden
te hebben beschoten. Bij de schietpartij woensdag in Uruzgan
kwam zijn zwager om het leven, vier personen raakten gewond.
Patrouillerende militairen zouden de chauffeur niet hebben
gewaarschuwd voordat zij begonnen te schieten.
(Bronnen: Novum, Volkskrant,
ANP)
|