|
Lula opent groots opgezette campagne
tegen armoede.
Door Raúl Pierri en Alma De Walsche.
PORTO ALEGRE, 28 januari 2005 (IPS) -
De Braziliaanse president Lula ziet zichzelf als een bruggenbouwer
tussen het Wereld Sociaal Forum (WSF) en het Wereld Economisch
Forum in Davos. Dat zei Lula in een toespraak gisteren (donderdag)
op het WSF. De aanwezigheid van Lula maakte deel uit van
de lancering van de Global Call against Poverty. Een campagne
van sociale bewegingen die dit jaar herkenbaar zal zijn
aan witte armbanden.
De nieuwe campagne eist van het rijke
geïndustrialiseerde Noorden dat het onmiddellijk zijn
landbouwsubsidies afschaft, dat het zijn belofte nakomt
om 0,7 procent van het bruto nationaal product te investeren
in ontwikkelingshulp en dat het - tegelijk met IMF en Wereldbank
- de schulden van de armste landen kwijtscheldt.
De Global Call wil dit jaar 'wittebanddagen'
organiseren, die moeten samenvallen met een aantal belangrijke
internationale vergaderingen van de G8 (de groep van de
acht machtigste industrielanden), de VN en de Wereldhandelsorganisatie
(WTO). Op die dagen worden activisten opgeroepen een witte
band te dragen als symbool van protest en om de campagne
onder de aandacht te brengen. Coumba Touré, de Afrikaanse
vertegenwoordiger van de Global Call, overhandigde Lula
alvast zo'n witte band als teken van erkenning voor zijn
leidende rol in de campagne.
Zo'n twaalfduizend mensen kwamen donderdag
op het Wereld Sociaal Forum in Porto Alegre af op de toespraak
van de Braziliaans president Luiz Inácio Lula da
Silva. In zijn toespraak zei Lula zei te geloven in de kracht
van het forum. "Van een kleine groep mensen zijn jullie
uitgegroeid tot een massale beweging die nu op weg is om
een sociaal en politiek probleem als honger het hoofd te
bieden."
Toch waren niet alle aanwezigen zo blij
met Lula's optreden. Sommigen vinden het verkeerd dat Lula
naar het WSF in Porto Alegre komt, terwijl hij daarna op
het Wereld Economisch Forum in Davos gaat 'feesten' met
de vertegenwoordigers van Internationaal Muntfonds, de Wereldbank
en de G8. De mensen die in Porto Alegre worden gezien als
hoofdverantwoordelijken voor het sociale onrecht in de wereld.
Een klein groepje activisten van de uiterst
linkse beweging PSTU (Socialist Party of United Workers),
scandeerde slogans. "Voor zij die niet van hier zijn,
wees niet bang", zo suste Lula de onrust. "Het
zijn de kinderen van de regerende Arbeiderspartij. Ze zijn
nog jong, maar op een dag zullen ze ons begrijpen en dan
zullen we hen met open armen terug ontvangen."
Volgens de linkse intellectueel James
Petras uit de VS, die de gevierde gast was op één
van de WSF-panels, heeft Lula zich volledig verkocht aan
'het neoliberale systeem'. Hij vindt dat Brazilië zich
niet aan de verplichtingen van het IMF en de Wereldbank
moet houden omdat die de armoede en de werkloosheid bestendigen.
Minder radicale critici, zoals Candido
Grzybowski, directeur-generaal van Ibase (Braziliaans Instituut
voor Sociale en Economische Analyse) blijven Lula verzekeren
van hun steun maar vinden dat de druk op de regering moet
worden opgedreven, zodat de president wat steviger uit de
hoek durft komen. Een mening die ook gedeeld wordt door
Joao Stedile, een van de leiders van de Braziliaanse beweging
voor landlozen MST.
Lula zelf heeft het over "bruggen
bouwen", tussen de twee totaal verschillende wereldvisies
in Porto Alegre en Davos. In het sportpaleis Gigantinho
diende de Braziliaanse president zijn critici overtuigend
van antwoord: "We staan op de vooravond van het ondertekenen
van een nieuw akkoord over suikersubsidies. Er is een ontwerp
klaar, maar dat wordt niet getekend, omdat Bush het niet
wil, en Blair niet en enkele andere kopstukken niet. We
moeten hen overtuigen. Ik zou het ook veel aangenamer vinden
hier samen met vrienden mijn tijd door te brengen. Maar
als we een andere wereld willen, dan moeten we ervoor vechten.
Die wordt ons niet cadeau gegeven."
Zonder internationale samenwerking blijft
de impact van Porto Alegre beperkt, zei Lula nog. "Eén
enkel land alleen kan de verhoudingen niet keren. Of we
bundelen onze krachten, of we leggen ons neer bij de huidige
situatie." "Alleen als wij, landen van het Zuiden,
erin slagen onze krachten te bundelen, kunnen wij de onderdrukking
omkeren. Anders zijn we verloren."
John Samuel, directeur van ActionAid International
en ondertekenaar van de 'Global Call Against Poverty' onderstreept
het belang om armoede onder de aandacht te brengen juist
in een tijdperk waar bommen, veiligheid en terreur de politieke
agenda bepalen. "Onze oproep tot armoedebestrijding
moet doorklinken in Davos", zegt Guy Ryder, algemeen
secretaris van de Internationale Federatie van Vrije Vakbonden
(IVVV). "Armoedebestrijding is noodzakelijk en dringend.
Honger kan niet wachten."
|