'VS martelen in Guantánamo Bay'
LONDEN, 30 januari 2005 (ANP) - Een
van de vier Britten die vorige week werd vrijgelaten uit het
Amerikaanse gevangenkamp Guantánamo Bay op Cuba, beschuldigt
de Verenigde Staten van marteling van gevangenen. In twee
gevallen had de mishandeling een dodelijke afloop.
Zijn verslag van zijn verblijf in Amerikaanse
gevangenschap stond zondag in de krant The
Independent on Sunday. De 36-jarige Moazzam Begg, die
in januari 2002 in Pakistan werd gearresteerd, schrijft
dat hij op de luchtmachtbasis in Bagram ,,in een isolatiecel
werd gesleurd, mijn handen op mijn rug geboeid en vastgeketend
aan mijn enkels en met een verstikkende kap over mijn hoofd.
Ik kreeg een aantal klappen op mijn hoofd en werd toen een
aantal uren in die toestand achtergelaten op de vloer, waarna
de ondervraging weer begon''.
Dodelijke afloop
Hij zegt in juni en december 2002 twee
keer de mishandeling van een gevangene door Amerikaanse
ondervragers dodelijk afliep. Zelf zou hij meer dan 250
keer ondervraagd zijn. In totaal zat hij een jaar in Afghanistan
in door de VS beheerde cellen. In die tijd werd hij naar
eigen zeggen onderworpen aan mensonterende behandeling,
waaronder naakt poseren voor foto's. Hij stelt dat de bewakers
en ondervragers erg hardhandig met de gevangenen omgingen
en dat hij in die tijd geen daglicht heeft gezien en geen
vers voedsel kreeg.
Na zijn overbrenging naar Guantánamo
Bay tekende hij uiteindelijk een bekentenis, die volgens
hem het gevolg was van dwang en bedreiging. In Guantánamo
zat hij bijna twee jaar, tot november 2004, in eenzame opsluiting
zonder toegang tot het daglicht.
|