|
'Met biobrandstoffen subsidiëren
we de honger in de wereld'
BROOKLIN, CANADA, 28 januari 2008 - Belastingsgeld uitgeven
aan subsidies die ervoor zorgen dat de voedselprijzen stijgen?
Het lijkt een slecht idee, maar volgens milieuorganisaties
is dat precies wat er gebeurt met de Amerikaanse subsidies
voor de productie van biobrandstoffen. Ook in Europa wordt
de agroindustriële oplossing voor het energieprobleem
voorlopig niet in vraag gesteld.
De boomende Amerikaanse ethanolsector
zet enorme hoeveelheden voedsel om in brandstof. In 2007
werd 81 miljoen ton graan, vooral maïs, omgezet in
brandstof, dit jaar bedraagt die hoeveelheid 114 miljoen
ton, ongeveer 28 procent van de totale Amerikaanse graanoogst.
De Amerikaanse regering zal in de periode
van 2006 tot 2012 honderd miljard dollar (70 miljard euro)
hebben geïnvesteerd in de productie van bioethanol
en biodiesel. President Bush tekende op 19 december 2007
een wet die bepaalt dat de VS tegen 2022 1,6 miljard hectoliter
biobrandstoffen per jaar moeten verbruiken, vijf keer meer
dan nu het geval is.
Twee keer langs de kassa
De graanprijzen hebben een recordniveau
bereikt en blijven stijgen, zegt Lester Brown, voorzitter
van het in Washington gevestigde Earth
Policy Institute, We zijn de eerste generatie
die belastinggeld gebruikt om de voedselprijzen naar omhoog
te duwen. We betalen miljarden aan de ethanolindustrie en
betalen nog eens als we inkopen gaan doen.
De Verenigde Staten, die ooit het voortouw
namen in de strijd tegen de honger, creëren nu honger
in de wereld, aldus Brown. Het idee om van voedsel brandstof
te maken leidt tot een ongelijke strijd tussen de automobilisten
op deze wereld en de twee miljard mensen die problemen hebben
om zichzelf te voeden. En het milieu wordt er niet eens
beter van, want de grootschalige maïsteelt put de grond
uit en verbruikt heel wat water en pesticiden.
De stijgende graanprijzen maken niet alleen
brood of pasta duurder, maar doen indirect ook de prijzen
van vlees, gevogelte en zuivelproducten stijgen. In Mexico
is maïsmeel, onontbeerlijk om tortillas te maken,
zestig procent duurder geworden, in Pakistan is de prijs
voor tarwe verdubbeld en ook China heeft af te rekenen met
inflatie die wordt gedreven door de voedselprijzen.
Onderzoeker Eric Holt-Gimenez waarschuwt
voor een spiraal van inflatie door de concurrentie om schaarse
landbouwgronden. Als de voedselprijzen genoeg stijgen, zullen
sommige boeren in plaats van biobrandstoffen opnieuw voedsel
gaan produceren. Dat zorgt er dan weer voor dat de biobrandstoffen
duurder worden. De warenhuizen, de graanhandelaars,
de olie-industrie en de agrochemiereuzen lachen in hun vuistje
op weg naar de bank, zegt Holt Gimenez.
Veel milieuorganisaties waren aanvankelijk
nochtans positief over biobrandstoffen, als manier om minder
afhankelijk te worden van fossiele brandstoffen en om arme
boeren in ontwikkelingslanden aan een extra inkomen te helpen.
Ze werden echter verrast door de snelheid waarmee de sector
werd ingepalmd door grote zakelijke en financiële belangen.
De biobrandstoffen zetten de voedsel- en energievoorziening
in de wereld helemaal op hun kop, meent Holt-Gimenez.
Europa doet mee
De Europese Unie bevestigde op 23
januari dat biobrandstoffen tegen 2020 tien procent van
de energie voor transport moeten leveren. Dat gebeurde na
een evaluatie waarbij de Europese Commissie de voor- en
nadelen van biobrandstoffen op een rijtje had gezet. De
beslissing stuitte op kritiek van milieuorganisaties: Ik
begrijp niet waarom de Europese Unie een politiek doorzet
waar zoveel nadelen aan verbonden zijn, zei dr. Claire
Papazoglou, hoofd van de Europese afdeling van Birdlife
International. (IPS)
|