|
Marteling Afghaanse gevangenen gaat
onder Obama gewoon door
WASHINGTON, 31 januari 2010 - Amerikaanse
militairen maken zich in Afghanistan schuldig aan willekeurige
moorden en arrestaties bij nachtelijke invallen en marteling
van gedetineerden. Dat blijkt uit een rapport dat is gepubliceerd
op TomDispatch.com.
In het artikel spreekt auteur Anand Gopal
over grove mensenrechtenschendingen, die gewoon doorgingen
nadat de Amerikaanse president Barack Obama vorig jaar aan
de macht kwam. De Amerikaanse bevelhebber in Afghanistan,
generaal Stanley McChrystal, beloofde een schonere oorlog
met minder invallen en burgerslachtoffers. McChrystal trad
in juni 2009 aan.
Gopal noemt verschillende voorbeelden
van situaties waarbij Amerikaanse militairen willekeurig
burgers in hun huizen doodschoten tijdens nachtelijke invallen.
Die invallen vonden plaats omdat Talibanstrijders in de
omgeving hinderlagen hadden gelegd of omdat zich mogelijk
verdachten in de dorpen bevonden. Verdenkingen die vaak
gebaseerd waren op informatie van inlichtingendiensten die
achteraf niet bleek te kloppen.
Ongewapend
In november 2009 vielen Amerikaanse militairen
het huis van Majidullah Qarar binnen, de woordvoerder van
de Afghaanse minister van Landbouw. Ze zochten de neef van
Qarar, Habib-ur-Rahman, een computerprogrammeur in overheidsdienst.
Bij de inval werden twee andere, ongewapende neven doodgeschoten.
De een werd geraakt toen hij in de richting van de deur
rende, de ander toen hij zijn bloedende neef wilde helpen.
Rahman werd uiteindelijk wel in het huis aangetroffen.
Rehmatullah Muhammad, een Afghaanse dorpsbewoner
uit de centraal-oostelijke provincie Wardak, vertelt dat
hij vorig jaar met negen andere dorpsbewoners werd opgepakt
en overgebracht naar een detentiefaciliteit op Rish Khor,
een Afghaanse militaire basis.
Het detentiecentrum werd gerund door Amerikanen
in burger, waarvan niet duidelijk was of ze militairen,
inlichtingenfunctionarissen of particuliere contractanten
waren. Vanuit de geheime faciliteit in Rish Khor, werden
de negen over gebracht naar de Amerikaanse gevangenis bij
de luchtmachtbasis Bagram. Daar werden ze ondervraagd zonder
dat ze juridische bijstand kregen. "Ik mocht alleen
antwoorden met ja' en 'nee' en niets toelichten", zei
Muhammad tegen Gopal.
In Zaiwalat, het dorp van Muhammadd, zijn
de ongeveer driehonderd bewoners nu 's avonds en 's nachts
bang voor invallen. In de afgelopen twee jaar werden in
het dorp zestien mensen vermoord bij tien van die invallen.
Gopal zegt dat er nog een andere, geheime
gevangenis is op de luchtmachtbasis Bagram, een die berucht
is vanwege mishandelingen.
Martelpraktijken
Van de 24 mensen die Gopal interviewde
voor zijn verhaal, stelden er 17 dat ze mishandeld waren
op manieren die overeenkwamen met het misbruik in de Iraakse
Abu Ghraib-gevangenis. Over Abu Ghraib kwamen enkele jaren
geleden schokkende foto's naar buiten. Artsen die lid zijn
van de Onafhankelijke Afghaanse Mensenrechtencommissie en
overheidsfunctionarissen hebben twaalf van de zeventien
claims van Afghaanse gevangenen over martelingen erkend.
Tot de martelpraktijken behoorden onder
meer het onthouden van slaap aan gevangenen, gevangenen
ondersteboven aan het plafond hangen, ze in "stressvolle"
posities houden en het gebruik van honden om de gevangenen
te intimideren en soms te laten bijten.
Mensenrechtenorganisaties hebben al herhaaldelijk
hun zorgen geuit over de verslechterende omstandigheden
in Afghanistan, in het bijzonder in het zuiden en oosten
van het land, waar de Talibanopstand het hevigst is.
"Het Amerikaanse leger heeft
een aantal belangrijke concessies gedaan, maar we hebben
nog steeds geen toegang tot alle gevangenen en detentiefaciliteiten",
zegt een woordvoerder van Amnesty International. "We
kunnen niet onderzoeken hoe de situatie er nu voorstaat,
omdat we niemand ter plaatse hebben. En er zijn ook geen
mechanismen die ervoor zorgen dat Afghaanse of internationale
partners dat kunnen onderzoeken."
(IPS)
|