|
Inwoners Gaza leggen schuld niet bij
Hamas
RAMALLAH, 20 januari 2009 - Nu de bombardementen
zijn stopgezet en humanitaire hulpgoederen de Gazastrook
binnenstromen, probeert Hamas de controle over de zwaar
geteisterde regio terug op te bouwen. In tegenstelling tot
wat Israël had gehoopt, wordt de organisatie niet door
de bevolking als schuldige aangewezen voor de oorlog.
Terwijl Israëlische spionagevliegtuigjes
rondcirkelen in de lucht, komen de veiligheidsdiensten van
Hamas opnieuw op straat om een indruk van veiligheid te
scheppen. Politiemannen leiden het verkeer in goede banen
en er zijn verschillende plunderaars gearresteerd.
De mensen zijn verdwaasd en gedesoriënteerd
door de oorlog, zegt Abdallah Al-Agha in Khan Yunis
in het zuiden van Gaza. Ze proberen wanhopig hun familieleden
en vrienden te bereiken via de paar telefoonverbindingen
die nog werken om te zien of ze nog leven of gewond zijn.
Heel wat inwoners verlaten voor het eerst de VN-onderkomens
om te zien wat er van hun huis is overgebleven.
Haat is extreem
Volgens Elena Qleibo, hulpverlener van
Oxfam en de voormalige ambassadeur van Costa Rica in Israël,
leken sommige delen van Gaza op de Apocalyps. De vernieling
is op sommige plaatsen enorm, zegt Qleibo. Elektriciteitsmasten,
waterleiding en riolering, gemeentelijke gebouwen, hospitalen
en huizen zijn er volledig met de grond gelijk gemaakt.
Volgens eerste schattingen is 15 procent
van de gebouwen in Gaza beschadigd en werden 30.000 inwoners
gedwongen om te schuilen in gebouwen van de VN of bij familie.
Bij het conflict vielen bijna 1.300 doden, waarvan meer
dan de helft burgers. Het aantal gewonden loopt in de vierduizend.
De mensen zijn bijzonder woedend
en de haat voor Israël is extreem, zegt Qleibo.
Ik woon en werk al jaren in deze regio en heb nooit
zon intense haat van de bevolking gezien.
Die bevolking legt de schuld voor het
conflict dan ook helemaal niet bij Hamas, zoals Israël
gehoopt had dat ze zou doen. De mensen lachen met
de beweringen van Israël dat dit een oorlog was tegen
Hamas en niet tegen de burgers, zegt Qleibo. De
bevolking ziet het als een oorlog tegen alle Palestijnen.
Het aantal burgerdoden en de vernieling was veel te extreem.
Open grenzen
De schaal van dood en vernieling
was absoluut contraproductief, zegt ook Joh Ging,
hoofd van VN-hulporganisatie UNRWA in Gaza. Al jaren
waarschuwen deskundigen en wereldleiders dat er geen militaire
oplossing is voor dit conflict. Er is nood aan een politieke
oplossing.
Ging pleit ervoor dat de grenzen van Gaza
worden opengesteld voor hulpgoederen, medische teams en
journalisten. Er zijn al vijftig trucks met hulp toegelaten,
maar dat is een fractie van de hulp die nodig is. De
noden groeien exponentieel, maar de pijplijn voor humanitaire
hulp is erg smal. Op de markt is er niets te vinden en er
is geen geld, zegt hij. De grenzen moeten opengesteld
worden om een betere toekomst te verzekeren. De gewone mensen
hier hebben de prijs betaald voor dit conflict. Voor hen
is het allerbelangrijkste dat ze hun waardigheid herstellen.
De sluiting van de grenzen heeft duizenden tegen hun wil
afhankelijk gemaakt van hulpverlening. Er moet een oplossing
gevonden worden die van de noden van de gewone bevolking
een prioriteit maakt.
De volledige schaal van de vernieling
blijft inmiddels onbekend, omdat journalisten nog geen vrije
toegang krijgen tot het gebied. Israël heeft Gaza voor
bijna twee maanden tot verboden gebied uitgeroepen voor
de media. Enkel een paar zorgvuldig uitgekozen journalisten
werden ingebed bij de Israëlische troepen.
Professionele journalisten zouden toegang moeten krijgen,
zegt Glenys Sugarman van de Foreign Press Association. Je
kunt niet gewoon enkele journalisten aan sightseeing laten
doen onder leiding van Israëlische troepen. Dat is
geen onafhankelijke verslaggeving. (Mel
Frykberg, IPS)
|