|
Ontslagprocedure CWI omstreden
Hilversum, 22 februari 2007 - Nationaal
Ombudsman Alex Brenninkmeijer gaat de ontslagprocedure bij
het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI, de vroegere arbeidsbureaus)
onderzoeken. Hij doet dit na klachten van werknemers.
Het CWI behandelt ongeveer de helft van
alle ontslagaanvragen in Nederland. De andere helft gaat
via de katonrechter.
"Het CWI is nogal dienstverlenend
in de richting van werkgevers. Het adviseert hoe een werkgever
een werknemer kan ontslaan. Je kunt je afvragen of het dan
nog gaat om een onafhankelijke procedure", aldus Brenninkmeijer
tegenover het Radio 1 Journaal.
Bij Brenninkmeijer zijn klachten van werknemers
binnengekomen over het gebrek aan transparantie, belangenverstrengeling
en schijn van partijdigheid bij de procedure. De gevolgen
voor een werknemer kunnen groot zijn en de procedure moet
transparant zijn.
Als een werkgever een werknemer wil ontslaan,
kan hij het contract laten ontbinden bij de kantonrechter
of bij het CWI een ontslagvergunning halen. Een ontslagcommissie,
waarin zowel een werkgevers- als werknemersvertegenwoordiger
zit, geeft in dat laatste geval advies of het ontslag al
dan niet gerechtvaardigd is. Dat advies is niet bindend,
maar wordt in de regel wel gevolgd.
"Werkgevers kunnen met een ontslagvergunning
een werknemer zonder vergoeding ontslaan. Werknemers moeten
er daarom van op aan kunnen dat de ontslagvergunning pas
wordt gegeven na een eerlijke procedure", zegt Brenninkmeijer.
Eén van de klachten is dat het
CWI instemt met een aantal ontslagen, omdat het bedrijf
dreigt anders nog veel meer mensen weg te sturen. Of dit
inderdaad gebeurt of niet, voor de betrokken werknemers
kunnen de gevolgen groot zijn. "De deugdelijkheid van
de procedure moet dan ook boven elke twijfel verheven zijn."
Een klacht kwam van een werknemer die werd ontslagen bij
een zorginstelling. Een lid van de commissie die de ontslagaanvraag
moest beoordelen, was actief bij stichtingen die waren gelieerd
aan de zorginstelling waren.
In de meeste gevallen gaat het bij ontslagprocedures
bij het CWI om meerdere werknemers tegelijk. Niet zelden
is een reorganisatie de aanleiding. Jaarlijks worden zon
vijftigduizend werknemers ontslagen via het CWI. Individuele
ontslagprocedures worden in de meeste gevallen behandeld
door de kantonrechter.
De ontslagregeling bij het CWI is omstreden.
Volgens Brenninkmeijer wekt de CWI-procedure de indruk dat
de besluitvorming plaatsvindt in achterkamertjes. "Het
is een structureel probleem dat al jaren speelt. In 2004
hebben we al geadviseerd dat de adviescommissie transparant
moet worden gemaakt en dat de namen van de leden bekend
moeten worden gemaakt." Onlangs besloot het CWI dit
advies niet over te nemen.
De FNV pleitte onlangs zelfs voor
het op den duur afschaffen van deze procedure. De route
via de kantonrechter verdient volgens de vakcentrale de
voorkeur. Dat gaat sneller, maar is voor de werkgever meestal
duurder. (FD/VK/NOS)
Gouden formule
Door Jasper van Hulst *
Ontslagen? Drie trucs om (veel) meer
uit de kantonrechtersformule te halen.
De kantonechtersformule heeft ook deze
formatiebesprekingen weer overleefd. Ondanks (onder meer)
een recente poging van de Wetenschappelijke Raad voor het
Regeringsbeleid om de ontslagvergoeding afgeschaft te krijgen,
in ruil voor een betaalde zoekperiode naar ander werk.
Al eerder veranderde wel iets anders:
sinds oktober 2006 is het voor het verkrijgen van een WW-uitkering
niet meer nodig om de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter
te laten ontbinden. Een werkgever die van een werknemer
af wil, kan voortaan zelf een beëindigingvoorstel doen.
Daarbij zal de werkgever veelal verwijzen naar de kantonrechtersformule.
Het lijkt zo makkelijk: A x B x C en hup
daar verschijnt de ontslagvergoeding waar je recht op hebt.
Toch leidt deze formule in de praktijk tot zeer wisselende
uitkomsten, omdat deze door de kantonrechter de afgelopen
jaren steeds verder is uitgelegd. Enige kennis over de werking
ervan kan daarom een veel hogere vergoeding opleveren .
Kort gezegd werkt de formule als volgt,
er zijn drie factoren:
A. het gewogen aantal dienstjaren
B. de beloning
C. de correctiefactor
Die factoren worden vermenigvuldigd (AxBxC)
en de uitkomst is de bruto ontslagvergoeding. Op ieder van
deze factoren is winst te behalen. Ik geef een paar voorbeelden.
FACTOR A: gewogen aantal dienstjaren
Gewogen dienstjaren wil zeggen dat ieder
vol gewerkt jaar tot de leeftijd van 40 één
keer meetelt, vanaf 40 is dat anderhalf keer en vanaf 50
twee keer. Dus bent u 43 jaar oud en werkt u acht jaar voor
dezelfde werkgever, dan is het gewogen aantal dienstjaren
(5x1) + (3x1,5) = 9,5.
Voor de berekening van het gewogen aantal dienstjaren wordt
de diensttijd eerst afgerond op hele jaren. Uitgangspunt:
zes maanden plus een dag (of meer) in dienst op de beëindigingsdatum,
geldt als een heel jaar.
Leeftijd wordt niet afgerond. Bent u op de dag van beëindiging
43 jaar en 364 dagen oud, dan wordt gerekend met 43.
Winst: onderhandel over de datum
Het kan dus lonen om de beëindiging van het dienstverband
naar een latere datum te onderhandelen. Ófwel omdat
de diensttijd zo met een jaar wordt verlengd, ófwel
omdat je zelf een jaar ouder wordt en daarmee de factor
kunt verhogen.
Een goed argument om niet akkoord te gaan
met een snelle ontbinding is dat de werkgever alsnog een
procedure bij de kantonrechter moet voeren als geen overeenstemming
wordt bereikt. De doorlooptijd van zon procedure is
vanaf de datum van indiening van het verzoek tot de ontbinding
zeker drie maanden. Weinig reden om die drie maanden te
laten liggen, lijkt me.
FACTOR B: beloning
De beloning bestaat in beginsel uit het
bruto maandsalaris vermeerderd met vakantiebijslag. Is er
recht op een 13e maand dan moet daarvan 1/12e bij de beloning
worden opgeteld.
Winst: structurele vergoedingen
Maar er zijn meer elementen die kunnen meetellen, zoals
een structurele overwerkvergoeding of een ploegentoeslag.
De kantonrechtersformule stelt dat slechts in uitzonderlijke
gevallen tantième of bonussen meewegen.
In de praktijk telt de kantonrechter deze wél mee
mits ze structureel worden uitbetaald. Meestal kijkt hij
bij het vaststellen van de beloning naar het gemiddelde
van de uitbetaalde tantième/bonussen over de afgelopen
jaren.
FACTOR C: correctiefactor
De grootste winst (en het grootste verlies)
is te halen met de correctiefactor. Is de beëindiging
in overwegende mate aan de werknemer te wijten, kan de correctiefactor
op 0 gesteld worden. Heeft de werkgever het echter heel
bont gemaakt, dan kan hij oplopen naar 2.
Winst: kort dienstverband
In de praktijk verhoogt de kantonrechter de correctiefactor
bij zeer korte dienstverbanden (één tot twee
jaar) veelal tot zelfs boven de 2.
Argumenten voor verhoging zijn onder meer:
je bent niet eerder gewezen op onvoldoende functioneren
en (dus) niet in de gelegenheid geweest je te verbeteren,
je kreeg geen andere passende functie aangeboden, je bent
binnengehaald door een headhunter en moest je vorige baan
opzeggen etc, etc.
Gokje?
Hoewel de formule duidelijk is: AxBxC,
kan de uitkomst dus behoorlijk verschillen. Zoals een collega
van mij eens verzuchtte, er zijn twee manieren om in Nederland
legaal te gokken: het Holland Casino of de kantonrechter.
Waarvoor je ook kiest, zorg dat je weet wat je sterke kaarten
zijn.
* Jasper van Hulst is partner bij Höcker
Advocaten in Amsterdam en specialist in arbeidsrecht, hij
schrijft tweewekelijks een column over arbeidsrecht voor
Het Financieele
Dagblad
|