|
Latijns-Amerikaanse
indianen vieren overwinning Morales
MEXICO-STAD, 20 december 2005 - Evo Morales
brengt "een verfrissende wind voor alle inheemse volkeren",
zegt de Guatemalteekse Nobelprijswinnares Rigoberto Menchú.
Inheemse leiders in heel Latijns-Amerika zijn opgetogen
dat Bolivia voor het eerst een president van inheemse afkomst
krijgt.
De verkiezing van Morales is de belangrijkste
mijlpaal "sinds Spaanse kolonisatie", juicht Luis
Macas, het hoofd van de machtige Federatie van Inheemse
Volkeren van Ecuador. "Zijn verkiezing zal niet alleen
goed zijn voor Bolivia, maar ook voor de rest van Latijns-Amerika."
Het Latijns-Amerikaanse continent telt
tussen de 33 en 40 miljoen mensen van inheemse afkomst,
verdeeld over zo'n 400 verschillende etnische groepen. Eén
ding hebben ze bijna allemaal gemeen: ze kampen met armoede
en discriminatie.
Maar de afgelopen 15 jaar ontpopten zich
machtige en goedgeorganiseerde indianenbewegingen, die in
Ecuador en Bolivia regeringen omverwierpen en hun zaak op
de nationale agenda brachten, zoals de zapatistenbeweging
in Mexico. Steeds meer inheemsen schopten het tot burgemeester,
parlementslid en minister. In Bolivia was Amyara-indiaan
Víctor Hugo Cárdenas van 1993 tot 1997 vice-president.
De inheemse bewegingen en hun leiders
putten nieuwe hoop uit de verkiezingsoverwinning van Morales.
Ook Morales maakt deel uit van de Aymara-indianen, de grootste
etnische groep in Bolivia. Hij liet zich opmerken als leider
van de Boliviaanse cocaboeren in de streek van Chapare en
neemt het consequent op voor de gemarginaliseerde indianengemeenschappen
in het land.
Morales overwinning is "een belangrijk
precedent in de sociale strijd van de hele regio",
zegt Menchú, de Maya-indiaanse die in 1992 die Nobelprijs
voor de Vrede kreeg. "Hij zal altijd op zijn inheemse
broers en zusters kunnen rekenen. Als we hem op een of andere
manier kunnen steunen, zullen we dat doen."
Ze wordt bijgetreden door Miguel Guatemal
van de Federatie van Inheemse Volkeren van Ecuador, en ook
door Rafael González, de voorzitter van de boerenorganisatie
CUC in Guatemala. González hoopt dat dit gevolgen
zal hebben voor het hele continent, en dat in de toekomst
andere inheemse volkeren "een president zullen hebben
die hen werkelijk vertegenwoordigt, zoals in Bolivia".
Menchú waarschuwt wel dat de nieuwe
president voor een "uiterst moeilijke taak staat, omdat
hij een land zal leiden waar racisme en discriminatie diepgeworteld
zijn", en dat bovendien kampt met "ernstige economische
problemen, armoede, en sociale en politieke breuklijnen".
"We weten dat hij alle hulp van zijn boers en zussen
zal nodig hebben", zegt ze.
Volgens een Wereldbankrapport van dit
jaar leeft 74 procent van de inheemse mensen in Bolivia
in armoede. Indianen in Bolivia gaan gemiddeld 3,7 jaar
minder lang naar school dan hun landgenoten met Spaanse
wortels. Indiaans kinderen moeten vier keer vaker werken
in plaats van leren dan hun blanke leeftijdgenootjes.
De politieke invloed van de inheemsen
is de laatste 15 jaar enorm toegenomen. Toch geldt voor
de vijf landen met de grootste inheemse bevolking - Bolivia,
Ecuador, Guatemala, Mexico en Peru - nog steeds dat je kans
op armoede met 13 tot 30 procent stijgt als je in een indiaans
gezin wordt geboren. (IPS)
|