|
Een boeiend stukje CPN-geschiedenis.
Door de redactie.
Enige tijd geleden kregen we het verzoek
van Max van den Berg, vanaf 1 januari 1946 tot aan de opheffing
lid van de CPN, om aandacht te besteden aan zijn boek "Tegenwicht".
De redactie bestaat uit communisten van de generatie van
na Van den Berg en uiteraard is de belangstelling voor het
wedervaren van hem en zijn lotgenoten groot. Vandaag de
dag worden we door de burgerlijke pers immers op een niet
aflatende stroom van antipropaganda over het communisme
en de geschiedenis van het communisme getrakteerd.
Die antipropaganda moet ons doen geloven
dat communisten ofwel doortrapte misdadigers ofwel debiele
meelopers waren. Van den Berg, die zich in zijn boek overigens
niet beperkt tot politiek maar blijk geeft van een zeer
ruime belangstelling, zet de hem bekende communisten neer
als gewone mensen met gewone talenten en gewone gebreken.
Wat de meeste wel gemeen hebben is dat ze een ideaal in
de praktijk trachtten te brengen door voortdurend en hard
werken.
Wat dat werk betreft, de redactie heeft
grote bewondering voor de tijd en energie die door Max van
den Berg in de loop der jaren aan de CPN is besteed. En
dat allemaal voor een uiterst karig loontje! Waar vind je
dat nog in een tijd waarin werk alleen maar van belang schijnt
als daar een fikse geldelijke beloning tegenover staat?
Als persoon dringt Max van den Berg zich
geen enkel moment op aan zijn lezers. Hij cijfert zich ook
niet weg. Ook dat valt op in het huidige tijdperk waarin
het individu zich altijd hoog nodig, ook al is het nog zo
ongepast, op de voorgrond wil plaatsen. In zijn relaas over
het verdrinken van zijn halfbroertje die in een inrichting
verbleef, raakt zijn persoonlijk verdriet niet ondergesneeuwd.
Maar van net zo'n groot belang is de actie die hij in die
tijd ondernam om een herhaling van een dergelijk ongeluk
te voorkomen. "Geen rouwende stille tocht van 10.000
bewoners uit Apeldoorn, geen vrachtwagens vol bloemen aan
het hek, geen opgewonden reportages over schandelijke toestanden
in inrichtingen, geen hijgende vragen in de Tweede Kamer
en zeker geen interviews met de verdrietige ouders. Er werd
gewoon gedaan wat er gedaan moest worden en daarmee uit",
aldus Max van den Berg. Dat kunnen de huidige generaties
die met een krat bier en zak chips onder handbereik voor
de TV hangen om van andermans leed te genieten in hun zak
steken!
Het boek heeft geen wetenschappelijke
pretenties, staat er in het voorwoord. Het is een persoonlijk
relaas. Maar voor gedegen historisch onderzoek zijn boeken
uit dit genre van groot belang. Bij lezing van het boek
wordt men er voor de zoveelste keer mee geconfronteerd dat
het toch wel kleine groepje actieve CPN-ers aan de basis
heeft gestaan van tal van acties en veranderingen die in
het naoorlogse Nederland hebben plaatsgevonden. Indonesië,
het Auschwitz-comité, de acties voor loonsverhogingen
in de 60e jaren, de vredesbeweging, et cetera, et cetera.
Overal namen CPN-ers het voortouw. Nadat een eenmaal lopende
actie door andere partijen en organisaties was overgenomen,
trachtte men steevast de rol van de communisten te bagatelliseren.
Dit patroon is bij de herdenkingen van de februaristakingen
ook duidelijk te herkennen.
Van den Berg geeft op tal van bekende
en minder bekende gebeurtenissen uit de CPN-geschiedenis
een genuanceerde visie. Het verketteren en het uitsluiten
van andersdenkenden is hem vreemd. Dat is terecht. De CPN
is hier regelmatig mee de fout in gegaan, zie het overtuigende
relaas van Van den Berg over de gang van zaken rond de Bruggroep.
Maar weerhoudt dit hem ook van het uitspreken van een negatief
oordeel waar dat op z'n plaats is? Moeten we, gezien in
de context van de voortdurende pogingen communisme met antisemitisme
te verbinden, het bekende verhaal over de joodse artsen
in 1953 voor zoete koek slikken? Tegenwoordig zijn veel
mensen er van overtuigd dat Stalin een antisemiet was. Maar
de feiten liegen er niet om. Stalin had joden tot vriend
(Kaganovitsj) en tot vijand (Trotski). Al in de dertiger
jaren werd er in de Sovjet-Unie een joodse staat opgericht
waar communistische joden vanuit de hele wereld, zelfs vanuit
de VS, naar toetrokken. En, zoals Van den Berg zelf ook
schrijft, de Sovjet-Unie was het eerste land dat Israël
erkende. Hoewel er ongetwijfeld mensen zijn die zich communist
noemen en tegelijkertijd de meest walgelijke antisemitische
kletspraat uitslaan, als redactie van DeWaarheid.nl krijgen
we daar het nodige van mee, moeten we toch voor ogen houden
dat de mythe van de antisemitische Stalin slechts tot doel
heeft communisme en nationaal-socialisme op één
hoop te gooien en te veroordelen. Daar kunnen we alleen
maar krachtig stelling tegen nemen.
Overigens krijgt de ongefundeerde haat
die velen tegenwoordig jegens de Islam uiten meer en meer
dezelfde functie die het antisemitisme in de vorige eeuw
had. Een willekeurige bevolkingsgroep wordt uitgekozen om
daar alle angst die wordt opgewekt door oorlogsdreiging
en afbraak van sociale voorzieningen op af te wentelen.
Het is daarom spijtig dat Van den Berg in zijn boek de zin
"Homo's moeten van het dak af worden gegooid met hun
hoofd naar beneden" als een citaat uit de Koran opvoert.
Dat staat namelijk nergens in de Koran. Wel staat in enkele
soera's (7:81, 27:55 en 29:29) een verwijzing naar het ook
uit de Bijbel bekende verhaal van Loet (Lot) en Sodom. De
teksten zijn in die soera's echter niet gelijkluidend en
ook de verschillende vertalingen van de Koran in het Nederlands
maken er telkens weer iets anders van. Wellicht dat fundamentalisten
uit deze brei een veroordeling van homoseksuelen weten te
interpreteren, maar het is maar zeer de vraag of dat de
oorspronkelijke bedoeling van de soera's was. In zijn algemeenheid,
als zich vragen voordoen van bronteksten en interpretaties
daarvan, moeten we opmerken dat de theorie van de boven-
en onderbouw van Marx tot het inzicht leidt dat de bronnen
van het recht er voor de actuele inhoud van dat recht niet
zoveel toe doen. Die inhoud wordt uiteindelijk bepaald door
de productieverhoudingen. Dat is voor het Islamitisch recht
niet anders, ook al wil menige moslim en antimoslim het
anders zien.
Dat alles betekent niet dat Van den Berg
tot de moslimhaters hoort, zijn beschrijving van zijn reis
door Oezbekistan maakt dat meer dan duidelijk.
Er is ook het nodige af te dingen op de
stelling van Van den Berg dat er vanaf 1933 in nazi-Duitsland
een "scherp opsporings- en vervolgingsbeleid"
jegens homoseksuelen tot stand kwam. Tot juni 1934 was de
leiding van de SA immers in handen van Ernst Röhm,
een felle nazi die geen geheim maakte van zijn homoseksuele
voorkeur. Anderzijds is er dan de notoire homofoob Goebbels.
De houding van de nazi's en van extreemrechts in het algemeen
richting homoseksualiteit is gecompliceerder dan wel wordt
aangenomen. De in de 70e jaren opgekomen gedachte dat homo's
vanzelfsprekend wel voor een linkse en vooruitstrevende
politiek zouden kiezen is apert onjuist. De kwestie is van
belang omdat in die tijd grote groepen CPN-ers een onderwerp
als homo-emancipatie en meer nog het feminisme als centrale
thema's van de partij zijn gaan zien. Het spreekt vanzelf
dat discriminatie van homo's en veranderende rolpatronen
tussen man en vrouw de nodige aandacht behoeven, maar een
communistische partij zal zich toch altijd op de eerste
plaats op de klassenstrijd dienen te oriënteren. Van
den Berg noemt in zijn boek drie oorzaken die tot de ondergang
van de CPN hebben geleid. Als vierde en ons inziens wellicht
belangrijkste onderwerp zal dit verlies van oriëntatie
op de klassenstrijd zeker bij die opsomming passen.
Het boek gaat overigens niet uitgebreid
in op de ontwikkelingen binnen de CPN die uiteindelijk tot
de opheffing van de partij hebben geleid. Van den Berg maakte
de overstap naar GroenLinks maar kon daar zijn draai niet
vinden. Op dit moment is hij een niet al te overtuigd lid
van de SP. Dat is herkenbaar. Maar toch blijft dit alles
een onverkwikkelijke geschiedenis. Al die communisten die
na de opheffing van de CPN partijloos werden, die, zoals
Van den Berg, met de beste bedoelingen naar GroenLinks overstapten
en daar uiteindelijk niet welkom waren en vooral niet te
vergeten degenen die zich vanuit splintergroepjes onderling
gingen bestrijden, had dat alles niet anders gekund? Van
den Berg schrijft dat Marcus Bakker in 1991 stelde dat de
kiezers allang tot de opheffing van de CPN hadden besloten.
Zonder zetels in de Tweede Kamer en met minder dan 5000
leden zou zelfstandig doorgaan geen zin hebben. Dat roept
vragen op. Moet een communistische partij zich wel zo afhankelijk
opstellen ten opzichte van de kiezers? Een grote kiezersaanhang
is mooi meegenomen, maar belangrijker is toch de voorhoederol
die een communistische partij, ook in tijden dat het communistische
gedachtegoed op de achtergrond raakt, dient te bewaken.
Een partij die geen acht slaat op zijn aanhang kan geen
voorhoederol innemen. Maar een partij die zich door een
al dan niet grote aanhang laat dicteren kan dat ook niet.
Heeft een communistische partij zonder zetels in een burgerlijk
parlementair orgaan wel bestaansmogelijkheden? We willen
aan het belang van die zetels niets afdoen, maar communisten
moeten het als het er op aan komt toch hebben van buitenparlementair
werk. In dat laatste school de grote kracht van de CPN.
Van den Berg maakt dat meer dan duidelijk.
De CPN is volkomen ten onrechte opgeheven.
We hebben natuurlijk niet zoveel aan die constatering. Belangrijker
is wat ons nu te doen staat. Van den Berg schetst een leven
vol politieke activiteiten die gericht zijn op rechtvaardigheid
en vrede. Hoe staat het er nu voor? De sociale zekerheid,
die ten gevolge van internationale communistische druk tot
stand is gekomen, wordt met de dag verder afgebroken. Het
is niet voor niets dat die afbraak is begonnen in de 80e
jaren, op het moment dat de communistische beweging in binnen-
en buitenland begon te verzwakken. Onder het mom van strijd
tegen het terrorisme worden de klassieke mensenrechten steeds
meer tot een farce. De VS heeft zelfs de categorie "Nacht
und Nebelgefangene" opnieuw uitgevonden. Nu de kapitalistische
grootmachten het communisme overwonnen achten, maken ze
zich op om elkaar weer te bevechten. Concurrentie en onderlinge
strijd behoren immers tot het wezen van het kapitalistisch
systeem. We zien dan ook een enorme wapenwedloop tussen
de VS, China, India, Rusland en de EU. En daarbij gaat het
weer om de bekende geschillen over grondstoffen en handelsroutes.
Maar leeft dit alles onder de bevolking?
Duidelijk is dat er bij ieder incident weer heftige gevoelens
van onbehagen naar voren komen. Niet zelden richten deze
gevoelens zich, zoals hiervoor al gesteld, op buitenlanders
en in het bijzonder op moslims. Een groot deel van de bevolking
rent als een kip zonder kop achter iedere politieke populist
aan. Die populisten op hun beurt verkondingen alleen maar
wat het plebs wil horen. Overigens, de moslims zelf kunnen
er ook wat van. Ook daar zien we een groep chaoten die ieder
incident aangrijpen om in zinloze vernielzucht uit te barsten.
Waar het werkelijk om gaat, de afbraak van de sociale zekerheid
en klassieke mensenrechten en de toenemende oorlogsdreiging,
dat blijft voor alle oproerkraaiers, autochtoon zowel als
allochtoon, in het onbewuste hangen.
In de tijd van de CPN waren de mensen,
ook niet- en anticommunisten, zich veel meer bewust van
hun maatschappelijke positie. En dat kwam door die CPN!
De bourgeoisie heeft er immers geen enkel belang bij om
het eigen falen in de schijnwerpers te plaatsen. We moeten
dus een partij opbouwen die van deze tijd is, wat onder
andere dient te blijken uit taalgebruik en aandacht schenken
aan moderne thema's, maar die zich de uitgangspunten en
methodieken van de oude CPN ter harte neemt.
Die klus zal niet van vandaag op morgen
geklaard zijn. Maar zo'n honderd jaar geleden was de situatie,
met al zijn elkaar bestrijdende communistische splintergroeperingen,
niet veel anders dan nu. Het is toen ook met vallen en opstaan
gelukt een CPN op te bouwen. Zeker wat de methodieken betreft
biedt het boek van Van den Berg een enorm inzicht. Alleen
al daarom is het een waardevol boek.
Last but not least: ook de humor
komt bij Van den Berg ruimschoots aan bod. Daarvan geven
we geen voorbeelden. Koop het boek maar!
De prijs van het rijk
geillustreerde boek is 15 euro en verkrijgbaar door storting
op giro 4577490 t.n.v. m.v.d.berg o.v.v. Tegenwicht Het
boek wordt gratis opgezonden.
|