Smash Fascism! DeWaarheid.nu
VOLKSEDITIE VOOR NEDERLAND
Fax/Voice mail/XOIP-nummer: 084 8333788
VCP.nu

HOME

GEDICHTEN
COLUMNS
H. van Loenhout heeft onderstaand gedicht geschreven op basis van een brief die het laatste indianenopperhoofd Seattle in 1855 schreef aan de president van de Verenigde Staten.

 

HET ZIEN VAN UW STEDEN
DOET PIJN AAN DE OGEN

Ik ben een rode man, ik verkoop mijn land
Waarin mijn voorvaderen zijn begraven
Ik verkoop de lucht, het water en het zand
Het edelhert, de bison en de groene klaver.

Ik verkoop mijn land aan de blanke man
Die anders komen zal met messen en geweren
De blanke man heeft dezelfde harteklop als wij
Maar zijn moeder aarde kan hem niet deren.

Ik verban mijn volk naar een afgeschermd gebied
Waar het in vrede verder zal kunnen leven
Maar zovelen van ons willen dat niet
De vernedering in hun ogen geschreven.

Hoe kan ik mijn land verkopen aan de blanke man
Het land waar ik zovelen manen heb gezworven
Hoe kan men de bomen, de bloemen en de bruisende rivier
Verkopen als men dat nooit heeft verworven.

Zijn wij dan toch van een ander ras
Onze oude mannen vertellen de kinderen andere verhalen
Gij maakt ons wezen in ons eigen land
En verkoopt uw moeder aarde als goedkope bont kralen.

Ik ben een simpele primitieve rode man
Een wilde die de bleke man niet kan begrijpen
Maar uw honger vreet de aarde kaal
Pas veel later zult u dat begrijpen.

Wat heeft het leven eigenlijk nog voor zin
Als men de kreet van de nachtuil niet meer kan horen
Of het praten van de vogels rond het meer
Waarvoor is men dan eigenlijk geboren.

Ik zag uw steden en mijn ogen deden pijn
Er is geen enkele plaats om uit te rusten
Het geruis van vliegende vogels overstemd door lawaai
Slechts stenen waar de bij de honingbloemen kuste.

De aarde behoort niet aan de mens
De mens behoort toe aan de aarde
En de laatste buffel valt niet terug te kopen
Als die gedood is, wat heeft uw geld dan nog voor waarde.

God is met zijn bleke man
Hij heeft zijn rode kinderen verlaten
Zij sterven jong door zoet voedsel en sterke drank
Die hij als cadeautjes achter heeft gelaten.

Wij zijn maar wilden, de bleke man spreekt een ander taal
Maar welke visioenen zal hij dan graveren
In de harten van zijn kinderen opdat zij verlangend uitzien
Naar de dag van morgen die hun alles nog zal leren.

Ik ben een rode man, ik verkoop mijn land
Ik verkoop mijn volk, de meren en rivieren
Bemin het land zoals wij het hebben bemind
Bemin de lucht, het groen en de dieren.

H. van Loenhout
(16 juli 2003)