|
Kruisridders van de Wereld
Lied 2 Lied 1
Wij kunnen nog altijd zeggen; Wij
zijn uitverkorenen.
Tenslotte is de macrodemocratie Superman.
Zonder admiralen en generaals slaat de zaak op hol.
Soms even de ogen dicht, het is te begrijpen.
Oorlog is immers politieke voortzetting om het doel te bereiken.
Maak u niet ongerust, de krachten die
wij herbergen,
zijn in staat, elke protestbeweging te breken.
Wij geven u de verzekering als onze salarissen overeenkomstig
de norm zijn, als goud in de oren klinkt.
Slachtoffers staan zoals u weet niet op
rekening.
Laat gerust uw vork vallen, wij schoppen hen onder hun kont.
Degene die bukt is geen generaal.
Heeft u last van uw maag, krampen in het
onderlijf,
hoofdpijn in beide flanken. Laat u zich daardoor niet leiden.
Het grootkapitaal gaat niet over het pad
van rozen.
Wij zien de wereld in landschappen. Herindeling.
Alle troep gooien we voorlopig over de buitengrenzen.
Wie vooruit wil moet zich aansluiten, degene die niet mee
kunnen hebben pech.
Paal en perk wordt er gesteld. Verstoten
van pretparken
en wisselbanken. Hun deel is kijken door een verrekijker.
De afstanden worden steeds groter, een doorgaand proces.
Net zolang dat de sleutel in onze handen valt.
Wat gebeurt er onderling, klimmen
al die landen op
de rug van de macro olifant, zodat het niet zolang op zich
laat wachten hoe het de mammoet is vergaan: uitbuiting is
het fundament van het gewicht dat men dragen kan.
Rudy Musters. februari 2003. |