|
Wolfowitz voert selectieve strijd tegen
corruptie
WASHINGTON, 19 april, 2006 - De strijd
tegen corruptie die de Amerikaanse Wereldbank-voorzitter
Paul Wolfowitz voert, levert hem respect op in de Amerikaanse
media, in politieke kringen en zelfs in ontwikkelingsorganisaties.
Maar critici werpen op dat Wolfowitz alleen achter de kleine
garnalen aangaat en Westerse overheden en bedrijven ongemoeid
laat.
Toen de gereputeerde havik Paul Wolfowitz
eind maart 2005 werd aangesteld als nieuwe voorzitter van
de Wereldbank, reageerden het personeel van de Wereldbank
en veel ontwikkelingsorganisaties sceptisch. Maar de voormalige
Amerikaans vice-minister van Defensie en een van de architecten
van de invasie in Irak vond een manier gevonden om zijn
imago op te krikken. Door zijn strijd tegen de corruptie
slaagde hij erin de aandacht af te leiden van zijn neoconservatieve
denkbeelden.
Wolfowitz schortte een lening aan Tsjaad
op als antwoord op de beslissing van de regering van dat
land om de olie-inkomsten anders te besteden dan met de
Wereldbank was afgesproken. De Wereldbank had een dure pijpleiding
gefinancierd om de olie uit Tsjaad via Kameroen te kunnen
uitvoeren.
In India deed de nieuwe Wereldbankvoorzitter
de steun uitstellen voor een project voor familieplanning
omwille van mogelijke onregelmatigheden bij de aankoop van
materiaal, en bevroor hij leningen ter waarde van 400 miljoen
dollar (324 miljoen euro) voor transportprojecten vanwege
veiligheidsovertredingen.
Wolfowitz drong aan op het strenger naleven
van de voorwaarden voor schuldafbouw in de Democratische
Republiek Congo, na beschuldigingen van corruptie in het
door de staat gecontroleerde oliebedrijf. Ook in Oezbekistan
belandde de hulp in de koelkast na vragen bij de naleving
van het principe van goed bestuur.
Intern wil Wolfowitz het departement voor
Institutionele Integriteit, een controleorgaan van de Wereldbank,
hervormen om het beleid doorzichtiger en de operaties efficiënter
te maken.
En in februari zette Wolfowitz zich aan
het hoofd van een initiatief dat ook andere multilaterale
financiële instellingen als de Inter-Amerikaanse Bank
en de Afrikaanse Ontwikkelingsbank ervan moet overtuigen
zich te engageren in de strijd tegen corruptie.
De initiatieven leverden hem applaus op
van de Conservatieven in het Amerikaanse parlement en van
het Amerikaanse ministerie van Financiën, de echte
machthebber achter de schermen bij de in Washington gevestigde
Wereldbank. Zelfs in ontwikkelingskringen wordt Wolfowitz
naam tegenwoordig verbonden met de wereldwijde strijd tegen
corruptie.
Toch lijkt imagovorming belangrijker dan
de inhoud bij Wolfowitz. Voor hij in juni 2005 zijn intrek
nam in het nieuwe kantoor van de Wereldbank, was Wolfowitz
enige band met ontwikkeling de heropbouw van Irak. Het land
was op dat moment al diep verzonken in corruptie en rechteloosheid.
Op het vlak van watervoorziening, elektriciteitsdistributie,
onderwijs, veiligheid en armoede zijn de omstandigheden
tijdens de VS-bezetting nog slechter geworden dan tijdens
het twaalf jaar durende embargo dat daarvoor van kracht
was.
Sinds hij aan het hoofd kwam van de Wereldbank,
deed Wolfowitz niets om tot een grondig onderzoek van de
Wereldbank-projecten in Irak te komen, ondanks talloze rapporten
die gewagen van wijdverspreide corruptie in het land en
in de door de VS gesteunde Irakese regering.
Een lening van 100 miljoen dollar (81
miljoen euro) die de Wereldbank toestond om 82 scholen te
bouwen in Irak, werd afgesloten zonder clausule die corruptie
moet voorkomen. Hetzelfde geldt voor projecten in de watersector
en op het vlak van sanitaire voorzieningen, stedelijke ontwikkeling,
spoedopname en technische hulp. Die projecten zijn goed
voor in totaal 500 miljoen dollar (405 miljoen euro). Wolfowitz
zou wel overwegen nog meer projecten op te starten in Irak.
Volgens de critici zou Wolfowitz geloofwaardiger
overkomen in zijn kruistocht tegen de corruptie als hij
eindelijk ook achter de grote vissen aangaat. Gigantisch
dure en vaak van corruptie doordrongen infrastructuurwerken
zijn daar een treffend voorbeeld van. Maar net die
sector zal de Wereldbank niet snel aanpakken, omdat het
om reusachtige leningen gaat die de instelling met intrest
terugkrijgt, zegt een anonieme bron binnen de Wereldbank.
De komende jaren gaat de Wereldbank nog
meer investeren in infrastructuurwerken: Van 5,4 miljard
dollar in 2003 werd het budget voor de sector vorig jaar
opgeschroefd tot zeven miljard dollar. Binnen twee jaar
moet dat tien miljard dollar worden, goed voor veertig procent
van het totale budget van de Wereldbank.
Tot dusver richtte Wolfowitz zijn pijlen
voornamelijk op kleine, arme landen en negeerde hij de rol
van de machtige Westerse regeringen en bedrijven in de ontwikkelingslanden.
Ook het gebrek aan bescherming dat
de Bank biedt aan klokkenluiders wijst erop dat de instelling
haar strijd tegen de corruptie niet van harte uitvoert.
In februari werd nochtans een rapport van de Wereldbank
gelekt waarin stond dat het instituut twee van zijn werknemer-klokkenluiders
onvoldoende had beschermd tegen vergeldingsacties.
(IPS, Emad Mekay)
|