|
Meer dan 100 miljoen daklozen wereldwijd
Door Gustavo Capdevila
GENEVE, 31 maart 2005 - Zowel in rijke
als arme landen stijgt het aantal daklozen. Ongeveer één
op zes mensen ter wereld heeft geen behoorlijk dak boven
hun hoofd, meestal omdat ze in sloppenwijken wonen. Meer
dan 100 miljoen mensen leven op straat.
De speciale huisvestingrapporteur van
de VN, Miloon Kothari, maakte de nieuwe cijfers bekend op
de 61ste zitting van de Mensenrechtencommissie. Hij vindt
dat het de verkeerde kant uitgaat met het huisvestingbeleid
in de meeste landen. "In veel landen schrappen de regeringen
subsidies en maatregelen om huizen voor de lagere inkomens
betaalbaar te maken. Het resultaat is dat er steeds meer
daklozen zijn."
De VS voeren een beleid "waarvan
de lagere inkomens, bijvoorbeeld de Afro-Amerikanen, duidelijk
het slachtoffer zijn. Ze kunnen enkel in arme stadswijken
terecht en dat werkt gettovorming in de hand."
In veel ontwikkelingslanden is het ontbreken
van een stedenbouwkundig beleid een acuut probleem. Het
gebrek aan planning doet sloppenwijken ontstaan, die nadien
onteigend moeten worden. India is daar een goed voorbeeld
van. Tussen november 2004 en januari 2005 maakte de overheid
300.000 mensen dakloos door 80.000 huizen af te breken.
Die mensen moesten op eigen houtje een nieuw onderkomen
zoeken, rapporteert Kothari.
Ironisch genoeg worden mensen vaak dakloos
als er geïnvesteerd wordt in hun buurt. "Het is
onthutsend dat massale onteigeningen vooral voorkomen op
plaatsen waar huizen voor de rijken worden opgetrokken.
Als er een groeiende middenklasse is, komt er geld binnen
en wordt er geïnvesteerd in winkelcentra en dure woningen,
maar zelden in huizen voor de armen."
Daklozen zijn in ontwikkelingslanden meer
een fenomeen van het platteland dan van de stad. Kothari
schat dat er wereldwijd in de steden 20 tot 40 miljoen wonen.
Driekwart van de armste mensen in de wereld leeft op het
platteland. Kothari legt uit: "Kleine boeren en vissers
hebben het in ontwikkelingslanden niet onder de markt. Ze
hebben geen toegang tot land of subsidies. Daardoor zijn
er meer huisvestingsproblemen op het platteland."
Kothari uitte kritiek aan het adres
van Brazilië, dat te veel aandacht zou hebben voor
economische groei en te weinig geld zou vrijmaken voor huisvesting
en landverdeling. "Eén manier om meer middelen
vrij te maken is het beoogde overschot op de begroting bijstellen
van 4,5 naar 3,25 procent", opperde de huisvestingsrapporteur.
(IPS)
|