|
Bolivia wil af van IMF-keurslijf
LA PAZ, 19 april 2006 - Bolivia gaat geen nieuw akkoord sluiten
met het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Een totale
breuk met de instelling komt er niet, maar de regering van
de linkse president Evo Morales wil de handen vrij hebben
om zelf een economisch beleid uit te stippelen.
Twee decennia lang probeerde Bolivia een
goede leerling te zijn van het Internationaal Monetair Fonds.
Op papier leverde dat goede resultaten op: de inflatie ligt
laag, de Boliviaanse munt is stabiel, de handelsbalans is
positief en de deviezenreserves van het land groeien. Maar
de armoede blijft verpletterend. Tweederde van de bevolking
zit onder de officiële armoedegrens.
Bolivia wil daarom de koers volgen die
Argentinië en Brazilië eerder insloegen. Die landen
betaalden hun schulden aan het IMF vervroegd terug, waardoor
de instelling geen mogelijkheden meer heeft om in Buenos
Aires en Brasilia een streng economisch beleid af te dwingen.
Anders dan Argentinië en Brazilië overweegt Bolivia
wel geen vervroegde terugbetaling van de 13,9 miljoen dollar
(11,5 miljoen euro) die het land nog heeft uitstaan bij
het IMF.
De Boliviaanse minister van Planning Carlos
Villegas zegt dat Bolivia macro-economisch in evenwicht
wil blijven een belangrijke bekommernis van het IMF.
Maar Bolivia zal geen voorwaarden meer onderschrijven die
de instelling normaal oplegt aan landen die haar hulp inroepen.
Op die manier kan Bolivia volgens de minister ook een beleid
gaan voeren dat gericht is op de armste bevolkingsgroepen.
Waarschijnlijk houdt dat in dat Bolivia
niet meer zo krampachtig zal proberen de inflatie en het
begrotingstekort laag te houden. Die versoepeling kan de
interestvoeten doen dalen, wat bedrijven vlotter toegang
zou bieden tot investeringsmiddelen.
Een risico is dat donorlanden en internationale
instellingen als de Wereldbank moeilijker kunnen gaan doen.
Die hebben veel vertrouwen in de waakhondfunctie van het
IMF, al is de kritiek op het starre en weinig sociale voorwaardenbeleid
van het IMF wel toegenomen. Maar Bolivia moet wel in de
gaten worden gehouden, vinden veel donoren. Het land blijft
worstelen met een begrotingstekort dat jaarlijks moet goedgemaakt
worden met 400 miljoen dollar (333 miljoen euro) aan ontwikkelingshulp
en nieuwe leningen.
De totale buitenlandse schuld van Bolivia
bedraagt meer dan 4 miljard dollar (3,3 miljard euro). Dat
is meer dan de helft van wat het land in één
jaar produceert. Maar het bedrag is al flink geslonken door
allerlei herfinancierings- en kwijtscheldingsoperaties.
Ook de jaarlijkse rentelast is daardoor draaglijker geworden.
In 2005 betaalde Bolivia nog 370 miljoen dollar (308 miljoen
euro) af aan zijn buitenlandse schuldeisers; in 2007 zal
dat volgens sommige experts nog maar 130 miljoen dollar
(108 miljoen euro) zijn.
Bolivia kreeg in 1986 hulp van het IMF
om een periode van hyperinflatie achter zich te laten. Die
bracht de Boliviaanse economie aan de rand van de afgrond.
Maar voor de schoktherapie waarmee de prijsstijgingen ingetoomd
werden, betaalde het land ook een prijs. Het land moest
zijn protectionistische politiek opgeven, en 30.000 ambtenaren
werden op straat gezet. Zes opeenvolgende IMF-programmas
leverden Bolivia 891 miljoen dollar (736 miljoen euro) op.
Die schuld werd inmiddels gedeeltelijk terugbetaald en voor
een deel kwijtgescholden, waardoor het saldo slonk tot 13,9
miljoen dollar.
Morales overtuigt steeds meer Bolivianen
met zijn kritiek op het neoliberale beleid dat zijn voorgangers
voerden. Volgens verscheidene opiniepeilingen heeft de eerste
indiaanse president nu 80 procent van de bevolking achter
zich. Op 18 december won hij de presidentsverkiezingen met
53,7 procent van de stemmen.
(IPS, Franz Chávez)
|