|
Sociaal beleid van gemeenten onderzocht
14 april 2008 - Gemeenten hebben hun
uitgaven aan minimabeleid verhoogd met 20 procent. In één
op de drie gemeenten moeten mensen die een bijstandsuitkering
aanvragen echter langer dan vier weken op een beslissing
wachten. Verder zetten veel gemeenten bijstandsgerechtigden
voor langere perioden aan het werk zonder ze een salaris
te betalen.
Dat blijkt uit de Lokale Monitor Werk
en Inkomen (LMWI) 2008, een vergelijkend onderzoek naar
het sociaal beleid van 215 gemeenten uitgevoerd door de
FNV. Lokale groepen FNV-vrijwilligers hebben de gegevens
verzameld en benaderen momenteel gemeenten met aanbevelingen
om het sociaal beleid te verbeteren.
Gemeenten die naar aanleiding van de uitkomsten van LMWI
2006 hebben beloofd om hun beleid te verbeteren, hebben
dat over het algemeen ook gedaan.
Nieuwe problemen zijn ontstaan bij het
aanbesteden van de thuiszorg. Vaak wordt gewerkt met tarieven
die te krap zijn om binnen de cao goede kwaliteit aan zorg
te leveren. In veel gemeenten is er een tekort aan alfahulpen
of zijn thuiszorginstellingen in financiële problemen
gekomen. De FNV adviseert gemeenten om uit te gaan van het
zogenaamde Zeeuwse model. Daarmee wordt voorkomen dat prijsconcurrentie
ten koste gaat van de kwaliteit.
Mensen die bijstand aanvragen moeten vaak
nog steeds meer dan vier weken wachten op een beslissing.
De FNV denkt dat dit te maken heeft met Wet Werk en Bijstand.
Sinds de invoering van die wet in 2004 hebben gemeenten
er een financieel belang bij om zo min mogelijk bijstand
uit te keren.
Reden tot bezorgdheid zijn huisbezoeken
zonder dat een concrete verdenking bestaat. In de meeste
gemeenten wordt onvoldoende voorlichting gegeven over rechten
en plichten.
De overgrote meerderheid van de gemeenten
heeft work first projecten waarin bijstandsontvangers werken
met behulp van hun uitkering. Ruim een derde van de gemeenten
houdt daarbij de mogelijkheid open dat dit langer duurt
dan zes maanden. Dat is in strijd met de afspraken, aldus
de FNV.
FNV-rapport
|